Art. 231 Verordening (EU) 2018/1046, Controle en sancties
1. In elke in artikel 225, lid 8, bedoelde overeenkomst wordt uitdrukkelijk bepaald dat het Europees Parlement bevoegd is controles op stukken en controles ter plaatse uit te voeren, alsmede dat OLAF en de Rekenkamer hun respectieve in artikel 129 bedoelde bevoegdheden kunnen uitoefenen over alle Europese politieke partijen die financiering van de Unie hebben ontvangen, hun contractanten en subcontractanten.
2. De bevoegde ordonnateur kan overeenkomstig de artikelen 136 en 137 van deze verordening en artikel 27 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 doeltreffende, evenredige en afschrikkende administratieve en financiële sancties opleggen.
3. De in lid 2 bedoelde sancties kunnen ook worden opgelegd aan Europese politieke partijen die ten tijde van de indiening van het verzoek om een bijdrage of na ontvangst van de bijdrage valse verklaringen hebben afgelegd bij het verstrekken van de door de bevoegde ordonnateur gevraagde informatie of hebben nagelaten die informatie te verstrekken.