Art. 225 Verordening (EU) 2018/1046, Toekenningsprocedure
1. Verzoeken om bijdragen worden tijdig schriftelijk en eventueel in een beveiligd elektronisch formaat ingediend.
2. Aan aanvragers die ten tijde van de toekenningsprocedure in een of meer van de in artikel 136, lid 1, en artikel 141, lid 1, bedoelde situaties verkeren of in de in artikel 142 bedoelde databank als uitgesloten zijn opgenomen, worden geen bijdragen toegekend.
3. Aanvragers zijn verplicht te bewijzen dat zij in geen van de in lid 2 bedoelde situaties verkeren.
4. De bevoegde ordonnateur kan worden bijgestaan door een comité om de aanvragen voor bijdragen te evalueren. De bevoegde ordonnateur stelt de regels vast met betrekking tot de samenstelling, benoeming en werking van een dergelijk comité, alsmede de regels ter voorkoming van belangenconflicten.
5. Aanvragen die voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen en de uitsluitingscriteria worden geselecteerd op basis van de toekenningscriteria die in artikel 19 van Verordening (EG, Euratom) nr. 1141/2014 zijn vastgesteld.
6. In het besluit van de bevoegde ordonnateur met betrekking tot de verzoeken wordt ten minste het volgende vermeld:
a) het voorwerp en het totale bedrag van de bijdragen;
b) de naam van de geselecteerde aanvragers en de bedragen die voor elk van hen zijn aanvaard;
c) de namen van de afgewezen aanvragers en de redenen voor deze afwijzing.
7. De bevoegde ordonnateur brengt de aanvrager schriftelijk op de hoogte van het gevolg dat aan zijn verzoek is gegeven. Indien het verzoek om financiering wordt afgewezen of de gevraagde bedragen niet deels of volledig worden toegekend, deelt de bevoegde ordonnateur de redenen mee voor de afwijzing van het verzoek of het niet toekennen van de gevraagde bedragen, met name onder verwijzing naar de in lid 5 van dit artikel en artikel 224, lid 4, bedoelde criteria om in aanmerking te komen en toekenningscriteria. Indien het verzoek wordt afgewezen, stelt de bevoegde ordonnateur de aanvrager in kennis van de beschikbare administratieve en/of gerechtelijke beroepsmogelijkheden als bepaald in artikel 133, lid 2.
8. Bijdragen worden geregeld bij schriftelijke overeenkomst.