Art. 220 Verordening (EU) 2018/1046, Regels en uitvoering
1. Financiële bijstand door de Unie aan lidstaten of derde landen is in overeenstemming met vooraf bepaalde voorwaarden en neemt de vorm aan van een lening of een kredietlijn of enig ander instrument dat passend wordt geacht om de doeltreffendheid van de steun te garanderen. Daartoe wordt de Commissie in de desbetreffende basishandeling gemachtigd om op de kapitaalmarkten of bij financiële instellingen de nodige middelen namens de Unie te lenen.
2. Bij het opnemen en verstrekken van leningen wordt de Unie niet bij looptijdtransformaties betrokken en wordt zij evenmin blootgesteld aan renterisico’s of aan andere commerciële risico’s.
3. De financiële bijstand wordt in euro verleend, tenzij in naar behoren gemotiveerde gevallen.
4. De financiële bijstand wordt direct door de Commissie uitgevoerd.
5. De Commissie sluit een overeenkomst met het begunstigde land waarin de volgende bepalingen worden opgenomen:
a) het begunstigde land gaat regelmatig na of de verstrekte financiering naar behoren is gebruikt overeenkomstig de vooraf bepaalde voorwaarden, neemt passende maatregelen ter voorkoming van onregelmatigheden en fraude, en onderneemt zo nodig gerechtelijke stappen om de uit hoofde van de financiële bijstand verstrekte middelen waaraan geen wettige bestemming is gegeven, terug te vorderen;
b) de bescherming van de financiële belangen van de Unie wordt gegarandeerd;
c) de Commissie, OLAF en de Rekenkamer wordt uitdrukkelijk toegestaan hun rechten uit hoofde van artikel 129 uit te oefenen;
d) de Unie heeft recht op vervroegde terugbetaling van de lening indien is vastgesteld dat het begunstigde land zich, met betrekking tot het beheer van de financiële bijstand, heeft ingelaten met fraude, corruptie of een andere onwettige activiteit die nadelig is voor de financiële belangen van de Unie;
e) alle kosten die de Unie met betrekking tot financiële bijstand heeft gemaakt, worden door het begunstigde land gedragen.
6. Indien mogelijk geeft de Commissie de leningen vrij in tranches, mits aan de voorwaarden voor de financiële bijstand is voldaan. Wanneer die voorwaarden niet vervuld zijn, schorst de Commissie tijdelijk de uitbetaling van de financiële bijstand of annuleert zij die.
7. Gegenereerde maar nog niet uitbetaalde middelen mogen niet voor een ander doel worden gebruikt dan het verstrekken van financiële bijstand aan het betrokken begunstigde land. Overeenkomstig artikel 86, leden 1 en 2, voert de rekenplichtige procedures in voor de bewaring van de middelen.