Art. 43 Richtlijn (EU) 2018/1972, Toegangsrechten
1. De lidstaten zorgen ervoor dat, wanneer een bevoegde instantie een aanvraag behandelt voor het verlenen van rechten:
— om faciliteiten te installeren op, over of onder openbare of particuliere eigendom, aan een onderneming die gemachtigd is om openbare elektronischecommunicatienetwerken aan te bieden, of
— om faciliteiten te installeren op, over of onder openbare eigendom aan een onderneming die gemachtigd is om niet-openbare elektronischecommunicatienetwerken aan te bieden,
die bevoegde instantie:
a) handelt op basis van eenvoudige, efficiënte, transparante en voor het publiek beschikbare procedures die zonder discriminatie en onverwijld worden toegepast, en in ieder geval een besluit neemt binnen zes maanden na de indiening van de aanvraag, behalve in geval van onteigening, en
b) de beginselen van transparantie en non-discriminatie volgt bij het verbinden van voorwaarden aan die rechten.
De in de punten a) en b) genoemde procedures kunnen variëren naargelang de aanvrager al dan niet openbare elektronischecommunicatienetwerken aanbiedt.
2. De lidstaten zorgen ervoor dat, indien lokale of andere overheden de eigendom behouden van of de zeggenschap behouden over ondernemingen die openbare elektronischecommunicatienetwerken of voor het publiek beschikbare elektronischecommunicatiediensten aanbieden, er een daadwerkelijke structurele scheiding is tussen de verantwoordelijkheid voor het verlenen van de in lid 1 bedoelde rechten en de activiteiten die verband houden met de eigendom of zeggenschap.