Art. 2 Verordening (EU) 2017/459, Toepassingsgebied
1. Deze verordening is van toepassing op interconnectiepunten. Deze verordening kan ook van toepassing zijn op entrypunten van en exitpunten naar derde landen, naargelang van het besluit van de desbetreffende nationale regulerende instantie. Deze verordening is niet van toepassing op exitpunten naar eindafnemers en distributienetten, entrypunten vanuit LNG-terminals („LNG” is „liquefied natural gas” oftewel „vloeibaar aardgas”) en LNG-productiefaciliteiten, en entrypunten vanuit of exitpunten naar opslaginstallaties.
2. De gestandaardiseerde capaciteitstoewijzingsmechanismen die in overeenstemming met deze verordening worden opgezet, omvatten een veilingprocedure voor de relevante interconnectiepunten binnen de Unie, alsook de standaard capaciteitsproducten die moeten worden aangeboden en toegewezen. Wanneer incrementele capaciteit wordt aangeboden, kunnen ook alternatieve toewijzingsmechanismen worden gebruikt indien wordt voldaan aan de in artikel 30, lid 2, vastgestelde voorwaarden.
3. Deze verordening is van toepassing op alle technische en afschakelbare capaciteit op interconnectiepunten, alsmede op aanvullende capaciteit in de zin van punt 2.2.1 van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 715/2009, en op incrementele capaciteit. Deze verordening is niet van toepassing op interconnectiepunten tussen lidstaten waarbij aan één van deze lidstaten een ontheffing op grond van artikel 49 van Richtlijn 2009/73/EG is verleend.
4. Wanneer een alternatief capaciteitstoewijzingsmechanisme overeenkomstig artikel 30 wordt toegepast, zijn artikel 8, leden 1 tot en met 7, de artikelen 11 tot en met 18, artikel 19, lid 2, en artikel 37 niet van toepassing op de aanbodniveaus, tenzij de desbetreffende nationale regulerende instanties een ander besluit treffen.
5. Wanneer implicietecapaciteitstoewijzingsmethoden worden gebruikt, kunnen de nationale regulerende instanties besluiten om de artikelen 8 tot en met 37 niet toe te passen.
6. Teneinde afscherming van downstream-leveranciersmarkten te voorkomen, kunnen de nationale regulerende instanties, na raadpleging van de netgebruikers, besluiten evenredige maatregelen te treffen om vroegtijdige biedingen voor capaciteit door één enkele netgebruiker op interconnectiepunten binnen een lidstaat te beperken.