Art. 9 Richtlijn (EU) 2017/541, Reizen met terroristisch oogmerk
1. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat reizen naar een ander land dan die lidstaat, met als doel het plegen, of het bijdragen aan het plegen, van een terroristisch misdrijf als bedoeld in artikel 3, met als oogmerk het deelnemen aan de activiteiten van een terroristische groepering in de wetenschap dat daarmee zal worden bijgedragen aan de criminele activiteiten van die groepering als bedoeld in artikel 4, of het geven of het ontvangen van training voor terrorisme als bedoeld in de artikelen 7 en 8, strafbaar wordt gesteld indien er sprake is van opzet.
2. Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de volgende handelingen strafbaar worden gesteld indien er sprake is van opzet:
a) reizen naar die lidstaat met als oogmerk het plegen, of het bijdragen aan het plegen, van een terroristisch misdrijf als bedoeld in artikel 3, het deelnemen aan de activiteiten van een terroristische groepering in de wetenschap dat daarmee zal worden bijgedragen aan de criminele activiteiten van die groepering als bedoeld in artikel 4, of het geven of ontvangen van training voor terrorisme als bedoeld in de artikelen 7 en 8, of
b) voorbereidende handelingen van een persoon die die lidstaat binnenkomt met het voornemen een terroristisch misdrijf als bedoeld in artikel 3 te plegen of daaraan bij te dragen.