Art. 93 Verordening (EU) 2016/2031, Vervanging van een plantenpaspoort

Verordening (EU) 2016/2031

1. Een erkende marktdeelnemer die een handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen heeft ontvangen waarvoor een plantenpaspoort is afgegeven, of de bevoegde autoriteit die op verzoek van een professionele marktdeelnemer optreedt, kan een nieuw plantenpaspoort afgeven voor die handelseenheid ter vervanging van het plantenpaspoort dat oorspronkelijk voor die handelseenheid werd afgegeven, mits aan de voorwaarden van lid 3 wordt voldaan.

2. Indien een handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen waarvoor een plantenpaspoort is afgegeven, in twee of meer nieuwe handelseenheden wordt verdeeld, geeft de erkende marktdeelnemer die verantwoordelijk is voor deze nieuwe handelseenheden of de bevoegde autoriteit die op verzoek van een professionele marktdeelnemer optreedt, een plantenpaspoort af voor elke nieuwe handelseenheid die bij de verdeling is ontstaan, mits aan de voorwaarden van lid 3 wordt voldaan. Die plantenpaspoorten vervangen het plantenpaspoort dat voor de oorspronkelijke handelseenheid werd afgegeven.

3. Een plantenpaspoort, zoals bepaald in de leden 1 en 2, mag uitsluitend onder de volgende voorwaarden worden afgegeven:

a) er is voldaan aan de in artikel 69, lid 3, bedoelde traceerbaarheidsvoorschriften betreffende de betrokken planten, plantaardige producten of andere materialen;

b) in voorkomend geval voldoen de betrokken planten, plantaardige producten of andere materialen nog steeds aan de voorschriften van de artikelen 85 en 86; en

c) de eigenschappen van de betrokken planten, plantaardige producten of andere materialen zijn ongewijzigd.

4. Indien een plantenpaspoort krachtens lid 1 of 2 wordt afgegeven, is het onderzoek van artikel 87, lid 1, niet vereist.

5. Na de vervanging van een plantenpaspoort krachtens lid 1 of 2, bewaart de betrokken erkende marktdeelnemer het vervangen plantenpaspoort of de inhoud ervan voor een periode van ten minste drie jaar.

Indien de vervanging van een plantenpaspoort krachtens lid 1 of 2 wordt uitgevoerd door de bevoegde autoriteit, bewaart de professionele marktdeelnemer op wiens verzoek het paspoort is afgegeven, het vervangen plantenpaspoort of de inhoud ervan voor een periode van ten minste drie jaar.

Die bewaring kan de vorm aannemen van het opslaan van de in het plantenpaspoort vervatte informatie in een elektronische gegevensbank, op voorwaarde dat ook de informatie wordt opgeslagen die zich bevindt in eventuele streepjescodes, hologrammen, chips of andere gegevensdragers met traceerbaarheidsdoeleinden die de in bijlage VII bedoelde traceerbaarheidscode kunnen aanvullen.