Art. 27 Verordening (EU) 2016/1624, Terugkeer
1. Wat de terugkeer betreft heeft het Agentschap, met inachtneming van de grondrechten en de algemene beginselen van het recht van de Unie en het internationaal recht, waaronder de verplichtingen inzake de bescherming van vluchtelingen en kinderrechten, met name tot taak:
a) op technisch en operationeel niveau de met terugkeer verband houdende activiteiten van de lidstaten, waaronder vrijwillig vertrek, te coördineren, om tot een geïntegreerd systeem voor het beheer van terugkeer te komen tussen de bevoegde autoriteiten van de lidstaten, in samenwerking met relevante autoriteiten van derde landen en andere relevante belanghebbenden;
b) technische en operationele bijstand te verlenen aan lidstaten waarvan de terugkeersystemen voor bijzondere uitdagingen staan;
c) het gebruik van relevante IT-systemen te coördineren en bijstand aan de lidstaten te verlenen inzake consulaire samenwerking voor het identificeren van onderdanen van derde landen en het verkrijgen van reisdocumenten, zonder informatie bekend te maken over het feit dat er een verzoek om internationale bescherming is gedaan; terugkeeroperaties te organiseren en te coördineren en ondersteuning te bieden voor vrijwillig vertrek in samenwerking met de lidstaten;
d) activiteiten te organiseren, te bevorderen en te coördineren die de uitwisseling van informatie en de inventarisering en bundeling van beste praktijken inzake terugkeer tussen de lidstaten mogelijk maken;
e) de in dit hoofdstuk bedoelde operaties, interventies en activiteiten uit zijn begroting te financieren of medefinancieren volgens de voor het Agentschap geldende financiële regeling.
2. De in lid 1, onder b), bedoelde technische en operationele bijstand omvat activiteiten om de lidstaten te helpen via de bevoegde nationale autoriteiten terugkeerprocedures uit te voeren, met name:
a) tolkdiensten;
b) praktische informatie over derde landen van terugkeer die relevant is voor de uitvoering van deze verordening, zo nodig in samenwerking met andere organen en instanties van de Unie, met inbegrip van het EASO;
c) advies over de uitvoering en het beheer van terugkeerprocedures overeenkomstig Richtlijn 2008/115/EG;
d) advies en bijstand, overeenkomstig Richtlijn 2008/115/EG en het internationaal recht, met betrekking tot maatregelen die nodig zijn om te garanderen dat terugkeerders beschikbaar zijn voor terugkeer en om te vermijden dat terugkeerders onderduiken.
3. Het Agentschap tracht synergieën tot stand te brengen en door de Unie gefinancierde netwerken en programma's op het gebied van terugkeer aan elkaar te koppelen, in nauwe samenwerking met de Commissie en met ondersteuning van relevante belanghebbenden, waaronder het Europees Migratienetwerk.
4. Het Agentschap kan de financiële middelen van de Unie gebruiken die voor terugkeeractiviteiten beschikbaar zijn. Het Agentschap zorgt ervoor dat bij subsidieovereenkomsten met de lidstaten de onverkorte inachtneming van het Handvest als voorwaarde geldt voor financiële steun.