Art. 44 Verordening (EU) 2016/794, Samenwerking tussen de EDPS en de nationale controleorganen
1. De EDPS werkt nauw samen met de nationale controleorganen in aangelegenheden waarbij het nationale niveau moet worden betrokken, met name als de EDPS of een nationaal controleorgaan grote verschillen tussen de praktijken van de lidstaten of potentieel onrechtmatige gegevensoverdrachten in het gebruik van de kanalen van Europol voor gegevensuitwisseling constateert, dan wel in verband met vragen die door een of meer nationale controleorganen worden gesteld over de uitvoering en de uitlegging van deze verordening.
2. De EDPS maakt bij het uitvoeren van zijn in artikel 43, lid 2, genoemde taken gebruik van de deskundigheid en ervaring van de nationale controleorganen. Wanneer zij samen met de EDPS inspecties uitvoeren, rust op de leden en het personeel van nationale controleorganen, met inachtneming van het subsidiariteits- en evenredigheidsbeginsel, de in artikel 43, lid 4, bepaalde bevoegdheid en de in artikel 43, lid 6, bepaalde verplichting. De EDPS en de nationale controleorganen wisselen, elk binnen hun respectieve bevoegdheden, relevante informatie uit en staan elkaar bij tijdens controles en inspecties.
3. De EDPS houdt de nationale controleorganen ten volle op de hoogte van alle aangelegenheden die hen rechtstreeks aangaan of anderszins relevant zijn voor hen. Het nationale controleorgaan wordt op zijn verzoek over specifieke aangelegenheden geïnformeerd door de EDPS.
4. In zaken in verband met gegevens die afkomstig zijn van een of meer lidstaten, met name in de in artikel 47, lid 2, bedoelde gevallen, raadpleegt de EDPS de betrokken nationale controleorganen. De EDPS neemt pas een besluit over verdere maatregelen nadat de nationale controleorganen hem hun standpunt kenbaar hebben gemaakt, binnen de door hem gestelde termijn van een tot drie maanden. De EDPS houdt zoveel mogelijk rekening met de respectieve standpunten van de betrokken nationale controleorganen. Indien hij van plan is het standpunt van een nationaal controleorgaan niet te volgen, laat hij dit orgaan dat met opgave van redenen weten, en legt hij de zaak ter bespreking voor aan de bij artikel 45, lid 1, opgerichte samenwerkingsraad.
In gevallen die hij als uiterst dringend beschouwt, kan de EDPS besluiten onmiddellijk op te treden. Hij brengt de nationale controleorganen hiervan onverwijld op de hoogte, en geeft hij een verantwoording voor het dringende karakter en de door hem getroffen maatregelen.