Art. 37 Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447, Transitvluchten
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447
1. Douanecontroles en -formaliteiten die van toepassing zijn op de handbagage en ruimbagage van personen op een vlucht van een niet-EU-luchthaven in een luchtvaartuig dat na een tussenstop op een EU-luchthaven doorvliegt naar een andere EU-luchthaven, worden verricht op de laatste internationale EU-luchthaven.
De handbagage en ruimbagage worden onderworpen aan de voorschriften die gelden voor de bagage van personen die uit derde landen aankomen, tenzij de persoon die deze bagage vervoert bewijst dat de goederen erin de status van Uniegoederen bezitten.
2. Douanecontroles en -formaliteiten die van toepassing zijn op de handbagage en ruimbagage van personen op een vlucht van een EU-luchthaven in een luchtvaartuig dat een tussenstop maakt op een andere EU-luchthaven voordat het doorvliegt naar een niet-EU-luchthaven, worden verricht op de eerste internationale EU-luchthaven.
De handbagage kan aan controles worden onderworpen op de laatste internationale EU-luchthaven waar het luchtvaartuig een tussenstop maakt om de douanestatus van de Uniegoederen te verzekeren.