Art. 324 Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447, Bijzondere gevallen van aanzuivering van de regeling actieve veredeling IM/EX

Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447

1. Met het oog op de aanzuivering van de regeling actieve veredeling IM/EX wordt het volgende als wederuitvoer aangemerkt:

a) de veredelingsproducten worden geleverd aan personen die vrijstelling van rechten bij invoer genieten krachtens het Verdrag van Wenen van 18 april 1961 inzake diplomatiek verkeer, het Verdrag van Wenen van 24 april 1963 inzake consulaire betrekkingen, of het Verdrag van New York van 16 december 1969 inzake speciale missies zoals bedoeld in artikel 128, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 1186/2009 van de Raad (22);

b) de veredelingsproducten worden geleverd aan de op het grondgebied van een lidstaat gelegerde strijdkrachten van andere landen, wanneer deze lidstaat bijzondere vrijstelling van rechten bij invoer verleent overeenkomstig artikel 131, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1186/2009;

c) de levering van luchtvaartuigen;

d) de levering van ruimtevaartuigen en de daarbij behorende uitrusting;

e) de levering van hoofdveredelingsproducten waarvoor het „erga omnes”-invoerrecht „vrij” is of waarvoor een luchtwaardigheidscertificaat zoals bedoeld in artikel 1 van Verordening (EG) nr. 1147/2002 van de Raad (23) is afgegeven;

f) de verwijdering, volgens de daarvoor geldende voorschriften, van secundaire veredelingsproducten waarvan de vernietiging onder douanetoezicht om milieuredenen verboden is.

2. Lid 1 is niet van toepassing:

a) wanneer niet-Uniegoederen die onder de regeling actieve veredeling IM/EX zijn geplaatst, onderworpen zouden zijn aan een landbouwpolitieke of handelspolitieke maatregel, een voorlopig of definitief antidumpingrecht, een compenserend recht, een vrijwaringsmaatregel of een aanvullend recht dat voortvloeit uit een schorsing van concessies indien zij werden aangegeven voor het vrije verkeer;

b) wanneer een douaneschuld zou zijn ontstaan overeenkomstig artikel 78, lid 1 van het wetboek voor niet van oorsprong zijnde goederen die onder de regeling actieve veredeling IM/EX zijn geplaatst indien de houder van de vergunning voornemens is de veredelingsproducten weder uit te voeren.

3. In het geval van lid 1, onder c), staat het controlekantoor toe dat de regeling actieve veredeling IM/EX wordt aangezuiverd zodra de onder de regeling geplaatste goederen voor de eerste maal voor de vervaardiging, herstelling inclusief onderhoud, wijziging of ombouw van luchtvaartuigen of delen daarvan zijn gebruikt, op voorwaarde dat het aan de hand van de administratie van de houder van de regeling mogelijk is te controleren dat de regeling naar behoren wordt toegepast.

4. In het geval van lid 1, onder d), staat het controlekantoor toe dat de regeling actieve veredeling IM/EX wordt aangezuiverd zodra de onder de regeling geplaatste goederen voor de eerste maal voor de vervaardiging, herstelling inclusief onderhoud, wijziging of ombouw van satellieten, lanceerinstallaties ervan, gronduitrusting en delen daarvan zijn gebruikt, op voorwaarde dat het aan de hand van de administratie van de houder van de regeling mogelijk is te controleren dat de regeling naar behoren wordt toegepast.

5. In het geval van lid 1, onder e), staat het controlekantoor toe dat de regeling actieve veredeling IM/EX wordt aangezuiverd zodra de onder de regeling geplaatste goederen voor de eerste maal zijn gebruikt in de veredeling betreffende de geleverde veredelingsproducten of betreffende delen daarvan, op voorwaarde dat het aan de hand van de administratie van de houder van de regeling mogelijk is te controleren dat de regeling naar behoren wordt toegepast.

6. In het geval van lid 1, onder f), toont de houder van de regeling actieve veredeling aan dat aanzuivering van de regeling actieve veredeling IM/EX overeenkomstig de normale voorschriften onmogelijk of economisch niet verantwoord is.