Art. 35 Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446, Toebehoren, reserveonderdelen of gereedschappen

Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446

1. Toebehoren, reserveonderdelen of gereedschappen die worden geleverd samen met in de afdelingen XVI, XVII en XVIII van de gecombineerde nomenclatuur opgenomen goederen en die deel uitmaken van de normale uitrusting daarvan, worden geacht dezelfde oorsprong te hebben als die goederen.

2. Essentiële reserveonderdelen bestemd voor in de afdelingen XVI, XVII en XVIII van de gecombineerde nomenclatuur opgenomen goederen die voordien in het vrije verkeer in de Unie zijn gebracht, worden geacht dezelfde oorsprong te hebben als die goederen indien het inbouwen van de essentiële reserveonderdelen tijdens de productiefase de oorsprong ervan niet zou hebben gewijzigd.

3. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder essentiële reserveonderdelen verstaan onderdelen:

a) zonder welke het materieel, de machines, de apparaten of de voertuigen die in het vrije verkeer zijn gebracht of voordien werden uitgevoerd, niet goed kunnen functioneren, en

b) die kenmerkend zijn voor die goederen, en

c) die bestemd zijn voor het normale onderhoud ervan en voor de vervanging van beschadigde of onbruikbaar geworden onderdelen van dezelfde soort.