Art. 7 Verordening (EU) 2015/1095, Evaluatie
Uiterlijk vijf jaar na de inwerkingtreding ervan beoordeelt de Commissie deze verordening in het licht van de technologische vooruitgang en legt zij de resultaten van die evaluatie voor aan het Overlegforum. De evaluatie houdt het volgende in:
1. voor professionele koelbewaarkasten: een beoordeling van de noodzaak tot invoering van met name:
a) eisen inzake ecologisch ontwerp voor de in artikel 1, lid 1, vermelde koelbewaarkasten;
b) strengere eisen voor koelbewaarkasten voor zwaar gebruik;
c) informatie-eisen inzake het vermogen van een professionele koelbewaarkast om voedingsmiddelen af te koelen;
d) een methode voor de bepaling van het standaard-energieverbruik per jaar van koel-vrieskasten;
e) een herziene methode voor de bepaling van het standaard-energieverbruik per jaar van buffet-koelbewaarkasten;
2. voor snelkoelers/-vriezers: een beoordeling van de noodzaak om voor die producten eisen inzake ecologisch ontwerp in te voeren;
3. voor inloopkoelkamers: een beoordeling van de noodzaak om voor die producten eisen inzake ecologisch ontwerp in te voeren;
4. voor condensoreenheden en proces-chillers:
a) een beoordeling van de noodzaak om eisen inzake ecologisch ontwerp vast te stellen die betrekking hebben op aan koelmiddelen gerelateerde broeikasgasemissies;
b) een beoordeling van de noodzaak om eisen inzake ecologisch ontwerp vast te stellen voor condensoreenheden met een nominaal koelvermogen van minder dan 0,1 kW bij een lage temperatuur en minder dan 0,2 kW bij een gemiddelde temperatuur en voor condensoreenheden met een nominaal koelvermogen van meer dan 20 kW bij een lage temperatuur en meer dan 50 kW bij een gemiddelde temperatuur;
c) een beoordeling van de noodzaak om eisen inzake ecologisch ontwerp vast te stellen voor condensoreenheden die worden verkocht met een verdamper, voor compressor packs/racks zonder condensor, en voor condensoreenheden die geen gebruikmaken van lucht als medium voor warmteoverdracht voor de condensor;
d) een beoordeling van de noodzaak om eisen inzake ecologisch ontwerp vast te stellen voor proces-chillers die werken met dampcondensatie en voor proces-chillers die werken met absorptietechnologie;
5. voor alle producten: nagaan of er nieuwere versies van de genoemde bronnen beschikbaar zijn voor GWP-waarden;
6. voor alle producten: de waarde van de toegestane toleranties in de controleprocedure voor de gemeten waarde van het energieverbruik.