Art. 13 Verordening (EU) 2015/751, Bevoegde autoriteiten

Verordening (EU) 2015/751

1. De lidstaten wijzen de bevoegde autoriteiten aan die gemachtigd zijn de handhaving van deze verordening te garanderen; aan deze autoriteiten worden onderzoeks- en handhavingsbevoegdheden verleend.

2. De lidstaten kunnen bestaande organen aanwijzen als bevoegde autoriteiten.

3. De lidstaten kunnen één of meer bevoegde autoriteiten aanwijzen.

4. De lidstaten delen de Commissie uiterlijk 9 juni 2016 mee welke instanties zij als bevoegde autoriteiten hebben aangewezen. Zij delen alle latere wijzigingen met betrekking tot deze autoriteiten onverwijld aan de Commissie mee.

5. De in lid 1 bedoelde aangewezen bevoegde autoriteiten beschikken over toereikende middelen voor de uitoefening van hun taken.

6. De lidstaten verlangen van de bevoegde autoriteiten dat zij op doeltreffende wijze toezicht houden op de naleving van deze verordening, hetgeen ook inhoudt dat zij pogingen van de betalingsdienstaanbieders om deze verordening te omzeilen tegengaan, en alle nodige maatregelen nemen om die naleving te waarborgen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen