Art. 112 Richtlijn (EU) 2015/2366, Wijzigingen van Verordening (EU) nr. 1093/2010
Verordening (EU) nr. 1093/2010 wordt gewijzigd als volgt:
1) In artikel 1 wordt lid 2 vervangen door:
„2. De Autoriteit handelt overeenkomstig de haar bij deze verordening toegekende bevoegdheden en binnen het toepassingsgebied van Richtlijn 2002/87/EG, Richtlijn 2009/110/EG, Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en van de Raad (*3), Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad (*4), Richtlijn 2014/49/EU van het Europees Parlement en de Raad (*5), Verordening (EU) 2015/847 van het Europees Parlement en de Raad (*6), Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad (*7) en, voor zover deze handelingen van toepassing zijn op kredietinstellingen en financiële instellingen alsmede op de bevoegde autoriteiten die toezicht op deze instellingen houden, met inachtneming van de betreffende onderdelen van Richtlijn 2002/65/EG en Richtlijn (EU) 2015/849 van het Europees Parlement en de Raad (*8), met inbegrip van alle op deze handelingen gebaseerde richtlijnen, verordeningen en besluiten en alle andere juridisch bindende handelingen van de Unie waarmee taken aan de Autoriteit worden toegekend. De Autoriteit handelt tevens in overeenstemming met Verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad (*9).
(*3) Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 1)."
(*4) Richtlijn 2013/36/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/EG en 2006/49/EG (PB L 176 van 27.6.2013, blz. 338)."
(*5) Richtlijn 2014/49/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 inzake de depositogarantiestelsels (PB L 173 van 12.6.2014, blz. 149)."
(*6) Verordening (EU) 2015/847 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 betreffende bij geldovermakingen te voegen informatie en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1781/2006 (PB L 141 van 5.6.2015, blz. 1)."
(*7) Richtlijn (EU) 2015/2366 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende betalingsdiensten in de interne markt en tot wijziging van de Richtlijnen 2002/65/EG, 2009/110/EG, 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010 en tot intrekking van Richtlijn 2007/64/EG (PB L 337 van 23.12.2015, blz. 35)."
(*8) Richtlijn (EU) 2015/849 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70/EG van de Commissie (PB L 141 van 5.6.2015, blz. 73)."
(*9) Verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PB L 287 van 29.10.2013, blz. 63).”."
2) In artikel 4 wordt punt 1 vervangen door:
„1. „financiële instellingen”: kredietinstellingen in de zin van artikel 4, lid 1, punt 1), van Verordening (EU) nr. 575/2013, beleggingsondernemingen in de zin van artikel 4, lid 1, punt 2), van Verordening (EU) nr. 575/2013, financiële conglomeraten in de zin van artikel 2, punt 14), van Richtlijn 2002/87/EG, betalingsdienstaanbieders in de zin van artikel 4, punt 11), van Richtlijn (EU) 2015/2366 en instellingen voor elektronisch geld als omschreven in artikel 2, punt 1), van Richtlijn 2009/110/EG, met dien verstande dat, wat Richtlijn (EU) 2015/849 betreft, onder „financiële instellingen” wordt verstaan de kredietinstellingen en financiële instellingen als gedefinieerd in artikel 3, punten 1) en 2), van Richtlijn (EU) 2015/849;”.