Art. 13 Verordening (EU) nr. 1370/2013, Vaststelling van de uitvoerrestituties

Verordening (EU) nr. 1370/2013

1. Onder de voorwaarden bepaald in artikel 196 van Verordening (EU) nr. 1308/2013 en als bepaald in artikel 198 van die verordening, kan de Commissie uitvoeringshandelingen vaststellen tot vaststelling van uitvoerrestituties:

a) met geregelde tussenpozen, indien het producten betreft uit de lijst vermeld in artikel 196, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1308/2013;

b) in het kader van aanbestedingsprocedures, indien het granen, rijst, suiker, melk en zuivelproducten betreft.

Die uitvoeringshandelingen worden volgens de onderzoeksprocedure van artikel 15, lid 2, van deze verordening vastgesteld.

2. Bij de vaststelling van uitvoerrestituties voor een bepaald product wordt rekening gehouden met één of meer van de volgende aspecten:

a) de bestaande situatie en de vooruitzichten inzake:

i) de prijzen en de beschikbaarheid van dat product op de Uniemarkt,

ii) de prijzen van dat product op de wereldmarkt;

b) de doelstellingen van de gemeenschappelijke marktordening, namelijk te zorgen voor een evenwichtige situatie en een natuurlijke ontwikkeling van de prijzen en het handelsverkeer op die markt;

c) de noodzaak om verstoringen die het evenwicht tussen aanbod en vraag op de Uniemarkt langdurig uit balans kunnen brengen, te vermijden;

d) het economische aspect van de beoogde uitvoer;

e) de limieten die voortvloeien uit overeenkomstig het Verdrag gesloten internationale overeenkomsten;

f) de noodzaak om een evenwicht tot stand te brengen tussen het gebruik van basisproducten uit de Unie bij de productie van voor uitvoer naar derde landen bestemde verwerkte goederen, en het gebruik van in het kader van het veredelingsverkeer binnengebrachte producten uit derde landen;

g) de gunstigste afzetkosten en vervoerkosten vanaf de Uniemarkten tot de havens of andere plaatsen van uitvoer van de Unie, alsmede de aanvoerkosten tot de landen van bestemming;

h) de vraag op de Uniemarkt;

i) wat de sectoren varkensvlees, eieren en pluimveevlees betreft, het verschil tussen de in de Unie en op de wereldmarkt genoteerde prijzen van de hoeveelheid voedergranen die nodig is om de producten van die sectoren in de Unie te vervaardigen.

3. Indien nodig om prompt op snel veranderende marktsituaties te kunnen reageren, kan de Commissie op verzoek van een lidstaat of op eigen initiatief het restitutiebedrag middels uitvoeringshandelingen aanpassen. Die uitvoeringshandelingen worden vastgesteld zonder de procedure als bedoeld in artikel 15, lid 2, toe te passen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen