Art. 30 Verordening (EU) nr. 1303/2013, Wijziging van programma's

Verordening (EU) nr. 1303/2013

1. Wanneer een lidstaat een verzoek tot wijziging van programma's indient, wordt dit naar behoren gemotiveerd en wordt in het bijzonder aangegeven welke gevolgen de wijziging van de programma's naar verwachting zal hebben voor de verwezenlijking van de strategie van de Unie voor slimme, duurzame en inclusieve groei en de in het programma vastgestelde specifieke doelstellingen, waarbij rekening wordt gehouden met deze verordening en de fondsspecifieke voorschriften, de horizontale beginselen bedoeld in de artikelen 5, 7 en 8, alsook met de partnerschapsovereenkomst. Bij het verzoek wordt het herziene programma gevoegd.

2. De Commissie beoordeelt de overeenkomstig lid 1 ingediende informatie, rekening houdend met de door de lidstaat gegeven motivatie. De Commissie kan binnen één maand na de indiening van het herziene programma opmerkingen maken en de lidstaat verstrekt de Commissie alle noodzakelijke aanvullende informatie. Overeenkomstig de fondsspecifieke voorschriften worden verzoeken om wijziging van een programma zo spoedig mogelijk doch uiterlijk drie maanden na de indiening ervan door de lidstaat door de Commissie goedgekeurd, op voorwaarde dat naar behoren rekening is gehouden met de eventuele opmerkingen van de Commissie.

anneer de wijziging van een programma gevolgen heeft voor de in de partnerschapsovereenkomst overeenkomstig artikel 15, lid 1, onder a), punten iii), iv) en vi) verstrekte informatie, houdt de goedkeuring van de wijziging van het programma door de Commissie in dat ook de dienovereenkomstige herziening van de informatie in de partnerschapsovereenkomst wordt goedgekeurd.

3. Als het verzoek tot wijziging bij de Commissie is ingediend om de prestatiereserve na de evaluatie van de prestaties opnieuw toe te wijzen, maakt de Commissie, als afwijking van lid 2, alleen opmerkingen, als zij van mening is dat de voorgestelde toewijzing niet in overeenstemming is met de toepasselijke regels, niet consistent is met de ontwikkelingsbehoeften van de lidstaat of de regio of een aanzienlijk risico inhoudt dat de in het voorstel vervatte doelstellingen en streefdoelen niet kunnen worden gehaald. De Commissie keurt het verzoek om wijziging van een programma zo spoedig mogelijk en uiterlijk twee maanden na de indiening van het verzoek door de lidstaat goed, op voorwaarde dat naar behoren rekening is gehouden met de eventuele opmerkingen van de Commissie. De goedkeuring van de wijziging van het programma door de Commissie houdt in dat ook de dienovereenkomstige herziening van de informatie in de partnerschapsovereenkomst wordt goedgekeurd.

4. Als afwijking van lid 2 kunnen in de EFMZV-verordening specifieke procedures worden vastgesteld voor de wijziging van operationele programma's.

Vorige artikelen

Volgende artikelen