Art. 200 Verordening (EU) nr. 575/2013, Overige volgestorte kredietprotectie
De instellingen kunnen de volgende overige volgestorte kredietprotectie als toelaatbare zekerheid gebruiken:
a) contanten die gedeponeerd zijn bij of met contanten gelijk te stellen instrumenten die niet in het kader van een bewaringsovereenkomst aangehouden worden door een derde instelling en die in pand gegeven zijn aan de leningverstrekkende instelling;
b) aan leningverstrekkende instellingen in pand gegeven levensverzekeringsovereenkomsten;
c) door een derde instelling uitgegeven instrumenten die op verzoek door deze instelling worden teruggekocht.