Art. 77 Richtlijn 2013/36/EU, Interne benaderingen voor de berekening van eigenvermogensvereisten

Richtlijn 2013/36/EU

1. De bevoegde autoriteiten moedigen instellingen die significant zijn wat betreft hun omvang en hun interne organisatie en wat betreft de aard, schaal en complexiteit van hun werkzaamheden, ertoe aan om interne capaciteit voor de beoordeling van het kredietrisico te ontwikkelen en meer gebruik te maken van de interneratingbenadering voor de berekening van eigenvermogensvereisten voor het kredietrisico indien hun blootstelling wezenlijk is in absolute termen en zij tegelijkertijd veel grote tegenpartijen hebben. Dit artikel laat de vervulling van de criteria van deel 3, titel I, hoofdstuk 3, afdeling 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 onverlet.

2. De bevoegde autoriteiten zien erop toe, rekening houdend met de aard, schaal en complexiteit van de werkzaamheden van instellingen, dat deze zich niet volledig of niet mechanisch op externe ratings baseren voor de beoordeling van de kredietwaardigheid van een entiteit of een financieel instrument.

3. De bevoegde autoriteiten moedigen instellingen ertoe aan om, rekening houdend met de omvang en de interne organisatie van deze instellingen alsmede met de aard, schaal en complexiteit van de werkzaamheden ervan, interne capaciteit voor de beoordeling van specifieke risico's te ontwikkelen en meer gebruik te maken van interne modellen voor de berekening van eigenvermogensvereisten voor het specifieke risico dat aan in de handelsportefeuille opgenomen schuldinstrumenten is verbonden, zulks in combinatie met interne modellen voor de berekening van eigenvermogensvereisten voor het wanbetalings- en migratierisico indien hun blootstelling aan specifieke risico's wezenlijk is in absolute termen en zij tegelijkertijd een groot aantal wezenlijke posities in schuldinstrumenten van verschillende uitgevende instellingen hebben.

Dit artikel laat de vervulling van de criteria in deel 3, titel IV, hoofdstuk 5, afdelingen 1 tot en met 5, van Verordening (EU) nr. 575/2013 onverlet.

4. De EBA stelt ontwerpen van technische reguleringsnormen op om het in lid 3, eerste alinea, bedoelde begrip "blootstelling aan specifieke risico's die materieel is in absolute termen" nader te omschrijven en om de drempels voor grote aantallen materiële tegenpartijen en posities in schuldinstrumenten van verschillende uitgevende instellingen nader te specificeren.

De EBA legt die ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 1 januari 2014 voor aan de Commissie.

Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische uitvoeringsnormen vast te stellen overeenkomstig artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1093/2010.