Art. 54 Richtlijn 2013/36/EU, Gebruik van vertrouwelijke informatie
De bevoegde autoriteiten die uit hoofde van artikel 53 vertrouwelijke informatie ontvangen, mogen deze alleen gebruiken voor de uitoefening van hun taken en alleen voor een van de volgende doeleinden:
a) om na te gaan of is voldaan aan de voorwaarden voor de toegang tot de werkzaamheden van kredietinstellingen en om het monitoren, op niet-geconsolideerde of op geconsolideerde basis, van die werkzaamheden te vergemakkelijken, in het bijzonder ten aanzien van de bewaking van de liquiditeit, de solvabiliteit, de grote risicoblootstellingen, de administratieve en boekhoudkundige procedures en de internecontrolemechanismen;
b) om sancties op te leggen;
c) in het kader van een beroep tegen een besluit van de bevoegde autoriteit, met inbegrip van rechtszaken die overeenkomstig artikel 72 aanhangig zijn gemaakt;
d) bij rechtszaken die overeenkomstig bijzondere bepalingen van het Unierecht betreffende kredietinstellingen aanhangig zijn gemaakt.