Art. 225 Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012, Toezicht op financieringsinstrumenten

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012

1. Met het oog op een geharmoniseerd toezicht op financieringsinstrumenten overeenkomstig artikel 140, lid 12, van het Financieel Reglement, stelt de bevoegde ordonnateur een toezichtsysteem in dat moet bijdragen tot het verschaffen van redelijke zekerheid dat de middelen van de Unie conform artikel 32, lid 2, van het Financieel Reglement worden gebruikt.

2. Het toezichtsysteem heeft tot doel de vooruitgang te meten die is geboekt op weg naar het bereiken van de beleidsdoelen en die wordt weerspiegeld in de toepasselijke output- en resultaatindicatoren die bij de evaluatie vooraf zijn vastgesteld, en na te gaan of de uitvoering in overeenstemming is met de vereisten van artikel 140, lid 2, van het Financieel Reglement, en dient de grondslag te leveren voor de verslaglegging van de Commissie overeenkomstig artikel 38, lid 5, en artikel 140, lid 8, van het Financieel Reglement.

3. Bij indirect beheer bouwt het toezicht van de Commissie voort op de door uitvoerende entiteiten verstrekte verslagen en rekeningen, op de beschikbare audits en op controles die door de uitvoerende entiteit zijn verricht, waarbij terdege rekening wordt gehouden met de beheersverklaring van de uitvoerende entiteit en het advies van een onafhankelijk auditorgaan als bedoeld in artikel 60, lid 5, van het Financieel Reglement. De Commissie verifieert de door de uitvoerende entiteiten verstrekte informatie en kan, onder andere steekproefsgewijze, controles verrichten op het passende niveau van uitvoering, tot op het niveau van de eindontvangers.

Het toezicht door de uitvoerende entiteit bouwt voort op de door financiële intermediairs verstrekte verslagen en rekeningen, op de beschikbare audits en op controles die door de financiële intermediair zijn verricht, waarbij terdege rekening wordt gehouden met de beheersverklaring van de financiële intermediair en het advies van onafhankelijke controleurs.

Wanneer er geen financiële intermediairs zijn, houdt de uitvoerende entiteit rechtstreeks toezicht op het gebruik van het financieringsinstrument op basis van de door de eindontvangers verstrekte verslagen en rekeningen.

De uitvoerende entiteit verifieert, zo nodig steekproefsgewijs, de door de financiële intermediairs of eindontvangers verstrekte informatie en verricht de controles waarin de in artikel 217 bedoelde overeenkomst voorziet.

4. Bij direct beheer bouwt het toezicht van de Commissie voort op de door de financiële intermediairs en eindontvangersverstrekte verslagen en rekeningen, met de passende controles. Lid 3 is van overeenkomstige toepassing bij direct beheer.

5. De overeenkomsten tot uitvoering van financieringsinstrumenten bevatten de nodige bepalingen voor de toepassing van de leden tot en met 4.

Vorige artikelen

Volgende artikelen