Art. 28 Verordening (EU) nr. 648/2012, Risicocomité
1. Een CTP richt een risicocomité op dat is samengesteld uit vertegenwoordigers van haar clearingleden, onafhankelijke leden van de raad van bestuur en vertegenwoordigers van haar cliënten. Het risicocomité mag werknemers van de CTP en onafhankelijke externe deskundigen uitnodigen om punt te nemen aan vergaderingen van het risicocomité, zij het zonder stemrecht. Bevoegde autoriteiten mogen verzoeken om zonder stemrecht vergaderingen van het risicocomité bij te wonen en om naar behoren te worden geïnformeerd over de werkzaamheden en besluiten van het risicocomité. De bedrijfsleiding van de CTP mag geen enkele directe invloed uitoefenen op het advies van het risicocomité. Geen van de groepen vertegenwoordigers mag over een meerderheid in het risicocomité beschikken.
2. Een CTP bepaalt duidelijk het mandaat, de governanceregelingen om haar onafhankelijkheid te garanderen, de operationele procedures, de toelatingscriteria en het mechanisme voor het kiezen van de leden van het risicocomité. De governanceregelingen worden openbaar gemaakt en moeten minstens garanderen dat het risicocomité wordt voorgezeten door een onafhankelijk lid van de raad en dat het risicocomité rechtstreeks aan de raad rapporteert en regelmatig bijeenkomt.
3. Het risicocomité adviseert de raad over regelingen die gevolgen kunnen hebben voor het risicobeheer van de CTP, zoals onder meer een aanzienlijke wijziging in het risicomodel, de procedures in geval van wanbetaling, de criteria voor de aanvaarding van clearingleden, de clearing van nieuwe categorieën van financiële instrumenten of de uitbesteding van functies. Het advies van het risicocomité is niet vereist voor de dagelijkse activiteiten van de CTP. Er worden redelijke inspanningen verricht om het risicocomité te raadplegen over ontwikkelingen die gevolgen hebben voor het risicobeheer van de CTP in noodsituaties.
4. Onverminderd het recht van de bevoegde autoriteiten om goed te worden geïnformeerd, zijn de leden van het risicocomité gehouden tot vertrouwelijkheid. Indien de voorzitter van het risicocomité vaststelt dat een lid een reëel of potentieel belangenconflict heeft met betrekking tot een bepaalde kwestie, mag dat lid niet stemmen over die kwestie.
5. Een CTP stelt de bevoegde autoriteit onmiddellijk in kennis van beslissingen van de raad om het advies van het risicocomité niet te volgen.