Art. 95 Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011, Vergoeding van de nationale financiële steun door de Unie

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 543/2011

1. Vóór 1 januari van het tweede jaar na het jaar van uitvoering van het operationele programma mogen de lidstaten de Unie verzoeken om vergoeding van de goedgekeurde nationale financiële steun die daadwerkelijk aan de producentenorganisaties is betaald.

Dit verzoek gaat vergezeld van, enerzijds, bewijsstukken waaruit blijkt dat tijdens drie van de voorafgaande vier jaren aan de in artikel 103 sexies, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1234/2007 vastgestelde voorwaarden is voldaan, en, anderzijds, gegevens over de betrokken producentenorganisaties, het daadwerkelijk betaalde steunbedrag en een beschrijving van het actiefonds, met aparte vermelding van het totale bedrag en de bijdragen van de Unie, de lidstaat (nationale financiële steun) en de producentenorganisaties en hun leden.

2. De Commissie beslist over de goedkeuring of de afwijzing van het verzoek. Het verzoek wordt afgewezen wanneer de verzoekende lidstaat de voorschriften inzake het toestaan en het vergoeden van de nationale financiële steun niet is nagekomen of de voorschriften inzake producentenorganisaties, actiefondsen en operationele programma's die zijn vastgesteld in Verordening (EG) nr. 1234/2007 en de onderhavige verordening, niet in acht heeft genomen.

3. Wanneer het verzoek tot vergoeding van de steun door de Unie is goedgekeurd, worden de subsidiabele uitgaven bij de Commissie aangegeven overeenkomstig de in artikel 5 van Verordening (EG) nr. 883/2006 van de Commissie (14) vastgestelde procedure.

4. De Unie vergoedt maximaal 60 % van de aan de producentenorganisaties verleende nationale financiële steun.