Art. 11 Richtlijn 2011/98/EU, Rechten op grond van de gecombineerde vergunning
Wanneer een gecombineerde vergunning is verstrekt overeenkomstig het nationale recht heeft de houder gedurende de geldigheidsduur daarvan ten minste recht op:
a) toegang tot en verblijf op het grondgebied van de lidstaat die de gecombineerde vergunning verstrekt, mits de houder voldoet aan alle voorwaarden voor toelating overeenkomstig het nationale recht;
b) vrije toegang tot het hele grondgebied van de lidstaat die de gecombineerde vergunning verstrekt, binnen de beperkingen die door het nationale recht worden opgelegd;
c) het verrichten van de specifieke loondienstwerkzaamheden die zijn toegestaan krachtens de gecombineerde vergunning overeenkomstig het nationale recht;
d) informatie over de aan de vergunning verbonden rechten van de houder die door deze richtlijn en/of door het nationale recht zijn toegekend.