Art. 6 Richtlijn 2011/61/EU, Voorwaarden voor toegang tot de werkzaamheden van abi-beheerder

Richtlijn 2011/61/EU

1. De lidstaten zorgen ervoor dat abi-beheerders die abi’s beheren, dit enkel kunnen doen als zij over een vergunning krachtens deze richtlijn beschikken.

Een abi-beheerder die overeenkomstig deze richtlijn een vergunning heeft gekregen, moet te allen tijde aan de vergunningsvoorwaarden van deze richtlijn voldoen.

2. De lidstaten verlangen dat externe abi-beheerders geen andere werkzaamheden verrichten dan deze bedoeld in bijlage I bij deze richtlijn, en daarnaast het beheer van icbe’s op grond van een vergunning verleend uit hoofde van Richtlijn 2009/65/EG.

3. De lidstaten verlangen dat intern beheerde abi’s geen andere werkzaamheden verrichten dan het intern beheer van die abi overeenkomstig bijlage I.

4. In afwijking van lid 2 kunnen de lidstaten een externe abi-beheerder toestaan de volgende diensten te verrichten:

a) het, op grond van een door de belegger gegeven opdracht, per cliënt en op discretionaire basis beheren van beleggingsportefeuilles, met inbegrip van die van pensioenfondsen of instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening in de zin van artikel 19, lid 1, van Richtlijn 2003/41/EG;

b) als nevendiensten:

i) beleggingsadvies;

ii) de bewaring of administratie van aandelen of rechten van deelneming in instellingen voor collectieve belegging;

iii) het ontvangen en doorgeven van orders met betrekking tot financiële instrumenten.

5. Het is abi-beheerders op grond van deze richtlijn niet toegestaan:

a) alleen de in lid 4 bedoelde diensten te verrichten;

b) nevendiensten te verrichten zoals bedoeld in lid 4, onder b), zonder over een vergunning voor het verstrekken van de in lid 4, onder a), genoemde diensten te beschikken;

c) noch om alleen de in bijlage I, punt 2, genoemde werkzaamheden te verrichten; noch

d) om de in bijlage I, punt 1, onder a) genoemde diensten te verrichten zonder de in bijlage I, punt 1, onder b), genoemde diensten te verrichten of omgekeerd.

6. Artikel 2, lid 2, en de artikelen 12, 13 en 19 van Richtlijn 2004/39/EG, zijn van toepassing op de verlening van diensten door de abi-beheerder zoals bedoeld in lid 4 van onderhavig artikel.

7. De lidstaten verlangen dat de abi-beheerder de bevoegde autoriteiten van zijn lidstaat van herkomst de informatie verstrekt die zij nodig hebben om zich steeds ervan te kunnen vergewissen dat aan de in deze richtlijn gestelde voorwaarden wordt voldaan.

8. Van beleggingsondernemingen die over een vergunning beschikken uit hoofde van Richtlijn 2004/39/EG en van kredietinstellingen die over een vergunning beschikken uit hoofde van Richtlijn 2006/48/EG, wordt niet verlangd dat zij een vergunning uit hoofde van de onderhavige richtlijn aanvragen om met betrekking tot abi’s beleggingsdiensten zoals het beheren van individuele beleggingsportefeuilles te mogen verrichten. Beleggingsondernemingen kunnen evenwel slechts rechtstreeks of onrechtstreeks rechten van deelneming of aandelen in een abi aanbieden aan of plaatsen bij abi-beleggers in de Unie, voor zover de rechten van deelneming of aandelen overeenkomstig de onderhavige richtlijn kunnen worden verhandeld.