Art. 63 Verordening (EU) nr. 1095/2010, Vaststelling van de begroting

Verordening (EU) nr. 1095/2010

1. Uiterlijk op 15 februari van ieder jaar stelt de uitvoerend directeur een ontwerp op van de raming van de ontvangsten en uitgaven voor het volgende begrotingsjaar en stuurt hij dit samen met de personeelsformatie naar de raad van bestuur en de raad van toezichthouders. De raad van toezichthouders stelt jaarlijks, op basis van het ontwerp van verklaring van de uitvoerend directeur dat door de raad van bestuur is goedgekeurd, de raming van de ontvangsten en uitgaven van de Autoriteit voor het volgende begrotingsjaar vast. De raad van toezichthouders dient deze raming, die tevens een ontwerppersoneelsformatie bevat, uiterlijk op 31 maart bij de Commissie in. Alvorens de raming wordt vastgesteld, wordt het ontwerp van de uitvoerend directeur goedgekeurd door de raad van bestuur.

2. De raming wordt door de Commissie samen met het ontwerp van begroting van de Europese Unie aan het Europees Parlement en de Raad (hierna samen „de begrotingsautoriteit”) gezonden.

3. Op basis van de ramingen neemt de Commissie in het ontwerp van begroting van de Europese Unie de ramingen op die zij noodzakelijk acht met betrekking tot de personeelsformatie en het bedrag van de subsidie ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie overeenkomstig de artikelen 313 en 314 VWEU.

4. De begrotingsautoriteit stelt de personeelsformatie voor de Autoriteit vast. De begrotingsautoriteit keurt de kredieten voor de subsidie aan de Autoriteit goed.

5. De begroting van de Autoriteit wordt vastgesteld door de raad van toezichthouders. Deze wordt definitief na de definitieve vaststelling van de algemene begroting van de Europese Unie. Indien nodig wordt de begroting dienovereenkomstig aangepast.

6. De raad van bestuur stelt de begrotingsautoriteit onverwijld op de hoogte van de projecten die hij voornemens is te realiseren en die aanzienlijke financiële gevolgen voor de financiering van de begroting kunnen hebben, met name onroerendgoedprojecten zoals de huur of aankoop van gebouwen. Hij brengt de Commissie daarvan op de hoogte. Als een van de takken van de begrotingsautoriteit advies wil uitbrengen, stelt deze de Autoriteit binnen twee weken na ontvangst van de informatie over het project in kennis van zijn voornemen om een dergelijk advies uit te brengen. Indien de Autoriteit geen antwoord ontvangt, kan zij doorgaan met haar plannen.

7. Voor het eerste werkingsjaar van de Autoriteit, dat op 31 december 2011 ten einde loopt, wordt de financiering van de Autoriteit door de Unie geregeld via een akkoord van de begrotingsautoriteit als bedoeld in punt 47 van het Interinstitutioneel Akkoord betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer.