Art. 52 Verordening (EU) nr. 1031/2010, Kosten van het veilingproces
Verordening (EU) nr. 1031/2010
1. Onverminderd lid 2 worden de kosten van de in artikel 27, lid 1, artikel 28, lid 1, en artikel 31 bedoelde diensten gedekt uit vergoedingen die door de bieders worden betaald, met de volgende uitzonderingen:
a) de kosten van een centrale tegenpartij die bij veiling van emissierechten in de vorm van forwards een overheidsgarantie aanvaardt in de plaats van andere zekerheden dan contanten, worden gedragen door de veilende lidstaat die de overheidsgarantie aanbiedt;
b) alle kosten verbonden aan de in artikel 22, leden 2 en 3, bedoelde regelingen tussen de veiler en het veilingplatform die de veiler in staat stellen om voor de aanwijzende lidstaat emissierechten te veilen, met uitsluiting evenwel van de kosten van elk met het betrokken veilingplatform verbonden clearingsysteem of afwikkelingssysteem, worden gedragen door de veilende lidstaat.
De in de eerste alinea, onder a) en b), bedoelde kosten worden ingehouden op de veilingopbrengsten die aan de veilers worden uitbetaald overeenkomstig artikel 44, leden 2 en 3.
2. Wanneer een lidstaat de in artikel 26, lid 6, eerste alinea, bedoelde gezamenlijkeaanbestedingsovereenkomst niet binnen de in artikel 30, lid 4, vastgestelde termijn heeft onderschreven maar zich achteraf bij de gezamenlijke actie aansluit, kan van hem worden verlangd dat hij zijn deel van de kosten van de in artikel 27, lid 1, en artikel 28, lid 1, bedoelde diensten draagt vanaf het tijdstip waarop bedoelde lidstaat emissierechten begint te veilen via het overeenkomstig artikel 26, lid 1 of lid 2, aangewezen veilingplatform tot de beëindiging of het verstrijken van de aanwijzingstermijn van dat veilingplatform.
In welke mate een dergelijke lidstaat zijn deel van de kosten van de in artikel 27, lid 1, en artikel 28, lid 1, bedoelde diensten dient te dragen, wordt vastgesteld in de gezamenlijkeaanbestedingsovereenkomst en het contract met het betrokken veilingplatform.
Van een lidstaat wordt niet verlangd dat hij zijn deel van de kosten overeenkomstig dit lid draagt als hij zich na het verstrijken van de in artikel 30, lid 5, tweede alinea, bedoelde aanwijzingstermijn bij de gezamenlijke actie aansluit of als hij zich bij de gezamenlijke actie aansluit indien de in artikel 30, lid 7, bedoelde opneming van een overeenkomstig artikel 30, lid 6, aangemeld veilingplatform niet plaatsvindt.
De kosten die de bieders overeenkomstig lid 1 moeten dragen, worden verminderd met het bedrag van de krachtens dit lid door een lidstaat gedragen kosten.
3. Het aandeel van de kosten van de veilingtoezichthouder dat varieert naargelang van het aantal veilingen, en dat wordt gespecificeerd in het aanwijzingscontract van de veilingtoezichthouder, wordt gelijkmatig verdeeld over het aantal veilingen. Alle overige kosten van de veilingtoezichthouder die gespecificeerd worden in het aanwijzingscontract van de veilingtoezichthouder, behalve de kosten die verband houden met verslagen die in het kader van artikel 25, lid 4, worden uitgebracht, worden gelijkmatig verdeeld over het aantal veilingplatforms, tenzij anders vermeld in het aanwijzingscontract van de veilingtoezichthouder.
Het aandeel van de kosten van de veilingtoezichthouder dat verband houdt met een overeenkomstig artikel 30, lid 1 of lid 2, aangewezen veilingplatform, met inbegrip van de kosten van verslagen waarom in het kader van artikel 25, lid 4, is verzocht, wordt gedragen door de aanwijzende lidstaat.
Het aandeel van de kosten van de veilingtoezichthouder dat verband houdt met een overeenkomstig artikel 26, lid 1 of lid 2, aangewezen veilingplatform wordt over de aan de gezamenlijke actie deelnemende lidstaten verdeeld in verhouding tot hun aandeel in de totale hoeveelheid emissierechten die op het betrokken veilingplatform wordt geveild.
De kosten van de veilingtoezichthouder die door elke lidstaat worden gedragen, worden ingehouden op de veilingopbrengsten die overeenkomstig artikel 23, onder c), door de veilers aan de aanwijzende lidstaat worden uitbetaald.