Art. 8 Verordening (EG) nr. 1120/2009, Aangifte en gebruik van toeslagrechten

Verordening (EG) nr. 1120/2009

1. De toeslagrechten mogen slechts eenmaal per jaar ter verkrijging van de bedrijfstoeslag worden aangegeven door de landbouwer die over deze toeslagrechten beschikt op de uiterste datum waarop overeenkomstig artikel 11 van Verordening (EG) nr. 1122/2009 van de Commissie (16) de verzamelaanvraag moet worden ingediend.

Een landbouwer die gebruikmaakt van de mogelijkheid de verzamelaanvraag overeenkomstig artikel 14 van die verordening te wijzigen, mag echter ook toeslagrechten aangeven waarover hij beschikt op de datum waarop hij de wijzigingen aan de bevoegde autoriteit meedeelt, mits de betrokken toeslagrechten niet door een andere landbouwer voor hetzelfde jaar worden aangegeven.

Wanneer de landbouwer de betrokken toeslagrechten via overdracht van een andere landbouwer verkrijgt en die andere landbouwer die toeslagrechten reeds had aangegeven, is de aanvullende aangifte van die toeslagrechten slechts ontvankelijk indien de cedent de bevoegde autoriteit reeds overeenkomstig artikel 12 van de onderhavige verordening in kennis heeft gesteld van de overdracht en hij die toeslagrechten binnen de in artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1122/2009 gestelde toepasselijke termijnen uit zijn eigen verzamelaanvraag laat schrappen.

2. Indien een landbouwer, nadat hij de percelen die overeenstemmen met al zijn beschikbare gehele toeslagrechten overeenkomstig artikel 35, lid 1, van Verordening (EG) nr. 73/2009 heeft aangegeven, nog over een perceel beschikt dat een deel van een hectare bedraagt, mag hij daarnaast nog een geheel toeslagrecht aangeven dat recht geeft op een naar evenredigheid van de oppervlakte van dat perceel berekende betaling. Voor de toepassing van artikel 42 van die verordening wordt het toeslagrecht evenwel als volledig gebruikt beschouwd.