Art. 57 Verordening (EG) nr. 810/2009, Monitoring en evaluatie
1. Twee jaar na de toepassing van alle bepalingen van deze verordening stelt de Commissie een evaluatie op van de toepassing ervan. Daarin worden de bereikte resultaten getoetst aan de doelstellingen en wordt nagegaan hoe de verordening is toegepast, een en ander onverminderd de in lid 3 bedoelde verslagen.
2. De Commissie legt de in lid 1 bedoelde evaluatie voor aan het Europees Parlement en de Raad. Indien nodig dient de Commissie op basis van de evaluatie passende voorstellen tot wijziging van deze verordening in.
3. De Commissie dient drie jaar na de invoering van het VIS en daarna om de vier jaar, bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in over de uitvoering van de artikelen 13, 17, 40 tot en met 44 van deze verordening, onder meer over de uitvoering van de verzameling en het gebruik van biometrische kenmerken, de geschiktheid van de gekozen ICAO-norm, naleving van de gegevensbeschermingsvoorschriften, ervaringen met externe dienstverleners met specifieke aandacht voor de verzameling van biometrische gegevens, de toepassing van de 59-maandenregel voor het kopiëren van vingerafdrukken en de organisatie van de inontvangstneming en behandeling van aanvragen. Het verslag bevat tevens, op basis van artikel 17, leden 12, 13 en 14, en artikel 50, lid 4, van de VIS-verordening, de gevallen waarin vingerafdrukken feitelijk niet konden worden verstrekt of om wettelijke redenen niet vereist waren, in verhouding tot het aantal gevallen waarin vingerafdrukken worden genomen. Het verslag bevat informatie over gevallen waarin een visum is geweigerd aan een persoon die feitelijk geen vingerafdrukken kon verstrekken. Dit verslag gaat indien nodig vergezeld van passende voorstellen tot wijziging van deze verordening.
4. In het eerste van de in lid 3 bedoelde verslagen wordt op basis van een onder verantwoordelijkheid van de Commissie uit te voeren studie ook nagegaan of een voldoende betrouwbare identificatie en verificatie van de vingerafdrukken van kinderen jonger dan 12 jaar mogelijk is, en in het bijzonder op welke manier vingerafdrukken met de leeftijd evolueren.