Art. 42 Verordening (EG) nr. 607/2009, Homoniemen
1. Bij de bescherming van een traditionele aanduiding waarvoor een aanvraag is ingediend en die volledig of gedeeltelijk homoniem is met een reeds krachtens dit hoofdstuk beschermde traditionele aanduiding, wordt naar behoren rekening gehouden met de plaatselijke en traditionele gebruiken en het risico van verwarring.
Een homonieme traditionele aanduiding die de consument misleidt ten aanzien van de aard, de kwaliteit of de echte oorsprong van het product, wordt niet geregistreerd, ook al is de aanduiding correct.
Het gebruik van een beschermde homonieme aanduiding is slechts toegestaan indien de praktische omstandigheden garanderen dat het in tweede instantie beschermde homoniem zich duidelijk onderscheidt van de reeds in bijlage XII opgenomen traditionele aanduiding, rekening houdend met het feit dat de betrokken producenten een billijke behandeling moeten krijgen en de consument niet mag worden misleid.
2. Lid 1 geldt mutatis mutandis voor traditionele aanduidingen die vóór 1 augustus 2009 zijn beschermd en gedeeltelijk homoniem zijn met een beschermde oorsprongsbenaming, een beschermde geografische aanduiding of een in bijlage XV vermelde naam van een wijndruivenras of synoniem daarvan.