Art. 47 Verordening (EG) nr. 73/2009, Regionalisering van de bedrijftoeslagregeling
1. In naar behoren gemotiveerde gevallen kunnen de lidstaten besluiten niet meer dan 50 % van het op grond van artikel 46 vastgestelde regionale maximum te verdelen over alle landbouwers wier bedrijf in de betrokken regio is gelegen, met inbegrip van landbouwers die niet over toeslagrechten beschikken.
2. De landbouwers ontvangen toeslagrechten waarvan het eenheidsbedrag wordt berekend door het overeenkomstige deel van het op grond van artikel 46 vastgestelde regionale maximum te delen door het aantal subsidiabele hectaren zoals dat op regionaal niveau is vastgesteld.
Het bedrag van deze toeslagrechten wordt verhoogd wanneer een landbouwer voordat dit artikel van toepassing is over toeslagrechten beschikt. Hiertoe wordt het regionale eenheidsbedrag van elk van de toeslagrechten van de betrokken landbouwer verhoogd met een bedrag dat wordt berekend op basis van het totale bedrag van de toeslagrechten waarover de landbouwer op een door de betrokken lidstaat te bepalen datum beschikt. Deze verhogingen worden berekend binnen de grenzen van het resterende deel van het regionale maximum, na toepassing van lid 1.
3. Het aantal toeslagrechten per landbouwer is gelijk aan het aantal hectaren dat hij overeenkomstig artikel 34, lid 2, aangeeft in het jaar van toepassing van de bedrijfstoeslagregeling op regionaal niveau, bedoeld in artikel 46, lid 1, behalve in geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden.
4. De toeslagrechten waarover de landbouwer vóór de in de leden 1 en 2 bedoelde verdeling beschikt, worden ingetrokken en vervangen door de nieuwe in lid 3 bedoelde toeslagrechten.