Art. 6 Verordening (EG) nr. 1251/2008, Aquacultuurdieren en producten daarvan die zijn bestemd voor verdere verwerking met het oog op menselijke consumptie
Verordening (EG) nr. 1251/2008
1. Zendingen van aquacultuurdieren en producten daarvan die zijn bestemd voor verdere verwerking met het oog op menselijke consumptie moeten vergezeld gaan van een diergezondheidscertificaat dat is ingevuld volgens het model van deel B van bijlage II en de toelichting in bijlage V, indien zij:
a) worden binnengebracht in lidstaten, gebieden of compartimenten:
i) die vrij verklaard zijn van één of meer van de in bijlage IV, deel II, bij Richtlijn 2006/88/EG genoemde niet-exotische ziekten overeenkomstig artikel 49 of 50 van die richtlijn; of
ii) die onderworpen zijn aan een bewakings- of uitroeiingsprogramma overeenkomstig artikel 44, lid 1 of 2, van die richtlijn;
b) behoren tot soorten die vatbaar zijn voor een of meer van de ziekten waarvan betrokken lidstaat of gebied of compartiment vrij is verklaard, of waarvoor een bewakings- of uitroeiingsprogramma geldt zoals bedoeld onder a).
2. Lid 1 is niet van toepassing op:
a) vis die vóór verzending is geslacht en gestript;
b) weekdieren of schaaldieren die bestemd zijn voor menselijke consumptie en die daartoe zijn verpakt en geëtiketteerd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 853/2004, en die:
i) niet-levensvatbaar zijn, hetgeen inhoudt dat zij niet meer in staat zijn als levende dieren te overleven wanneer zij worden teruggebracht in de omgeving waaruit zij afkomstig zijn; of
ii) bestemd zijn voor verdere verwerking zonder tijdelijke opslag op de plaats van verwerking;
c) aquacultuurdieren of producten daarvan die in de handel worden gebracht voor menselijke consumptie zonder verdere verwerking, mits zij zijn verpakt in detailverpakkingen die aan de bepalingen voor dergelijke verpakkingen van Verordening (EG) nr. 853/2004 voldoen.