Art. 4 Richtlijn 2008/90/EG, Specifieke voorschriften voor geslachten en soorten
Voor elk geslacht of elke soort, vermeld in bijlage I, worden volgens de in artikel 19, lid 3, bedoelde procedure specifieke voorschriften vastgesteld; deze specificeren:
a) de voorwaarden waaraan CAC-materiaal moet voldoen, met name de voorwaarden inzake het toegepaste vermeerderingsprocedé, de zuiverheid van het staand gewas, de fytosanitaire toestand en, behalve in het geval van onderstammen waarvan het materiaal niet tot een ras behoort, het rasaspect;
b) de voorwaarden waaraan prebasismateriaal, basismateriaal en gecertificeerd materiaal moeten voldoen inzake kwaliteit (inclusief, voor prebasis- en basismateriaal, methoden voor de instandhouding van de identiteit van het ras en, indien van toepassing, van de kloon, met inbegrip van de relevante pomologische kenmerken), fytosanitaire toestand, de toegepaste onderzoeksmethoden en -procedures, het (de) toegepaste vermeerderingssyste(e)m(en) en, behalve in het geval van onderstammen waarvan het materiaal niet tot een ras behoort, het rasaspect;
c) de voorwaarden waaraan onderstammen en andere plantendelen van andere dan de in bijlage I genoemde geslachten of soorten of hybriden daarvan moeten voldoen wanneer teeltmateriaal van de in bijlage I genoemde geslachten en soorten of hybriden daarvan daarop wordt geënt.