Art. 19 Richtlijn 2008/1/EG, Communautaire emissiegrenswaarden

Richtlijn 2008/1/EG

1. Waar de noodzaak van een Gemeenschapsoptreden is geconstateerd, met name op grond van de in artikel 17 bedoelde informatie-uitwisseling, stellen het Europees Parlement en de Raad op voorstel van de Commissie volgens de bij het Verdrag vastgestelde procedures emissiegrenswaarden vast voor:

a) de in bijlage I bedoelde categorieën van installaties met uitzondering van stortplaatsen, bedoeld in de punten 5.1 en 5.4 van die bijlage,

en

b) de in bijlage III bedoelde verontreinigende stoffen.

2. Waar geen ingevolge deze richtlijn vastgestelde communautaire emissiegrenswaarden bestaan, gelden de relevante emissiegrenswaarden zoals vastgesteld in de in bijlage II genoemde richtlijnen en de andere Gemeenschapsvoorschriften voor de in bijlage I vermelde installaties als minimaal vereiste emissiegrenswaarden uit hoofde van deze richtlijn.

3. Onverminderd de bepalingen van deze richtlijn, zijn de technische voorschriften voor de stortplaatsen, bedoeld in de punten 5.1 en 5.4 van bijlage I, vastgesteld in Richtlijn 1999/31/EG van de Raad van 26 april 1999 betreffende het storten van afvalstoffen (18).