Art. 103 Integrale-GMO-verordening, Steun voor organisaties van marktdeelnemers
Verordening (EG) nr. 1234/2007 (Integrale-GMO-verordening)
1. Met bedragen die overeenkomstig artikel 110 decies, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1782/2003 door de lidstaten worden ingehouden, financiert de Gemeenschap driejarige activiteitenprogramma's die de in artikel 125 bedoelde organisaties van marktdeelnemers opstellen op één of meer van de volgende gebieden:
a) market follow-up en administratief beheer van de sector olijfolie en tafelolijven;
b) verbetering van de milieueffecten van de olijventeelt;
c) verbetering van de kwaliteit van de productie van olijfolie en tafelolijven;
d) traceerbaarheidssysteem, en certificering en bescherming van de kwaliteit van olijfolie en tafelolijven, in het bijzonder bewaking van de kwaliteit van de aan de eindverbruikers verkochte olijfoliën, onder het gezag van de nationale overheid;
e) verspreiding van informatie over de activiteiten die organisaties van marktdeelnemers ontplooien ter verbetering van de kwaliteit van olijfolie.
2. De maximale communautaire financiering van de in lid 1 bedoelde activiteitenprogramma's is gelijk aan het door de lidstaten ingehouden deel van de steun. Deze financiering heeft betrekking op de in aanmerking komende kosten met een maximum van:
a) 100 % voor de activiteiten op de in lid 1, onder a) en b), bedoelde gebieden;
b) 100 % voor de investeringen in vaste activa en 75 % voor de andere activiteiten op het in lid 1, onder c), bedoelde gebied;
c) 75 % voor de activiteitenprogramma's die in ten minste drie derde landen of niet-producerende lidstaten door erkende organisaties van marktdeelnemers uit ten minste twee producerende lidstaten worden ontplooid op de in lid 1, onder d) en e), bedoelde gebieden, en 50 % voor de andere activiteiten in die gebieden.
De lidstaat draagt zorg voor aanvullende financiering tot 50 % van de niet door de communautaire financiering gedekte kosten.
De Commissie stelt de uitvoeringsbepalingen voor dit artikel vast, en met name de procedures voor de goedkeuring van de door de lidstaten aangenomen programma's en de soorten activiteiten die in het kader van die programma's voor steun in aanmerking komen.
3. Onverminderd eventuele specifieke bepalingen die de Commissie overeenkomstig artikel 194 kan vaststellen, gaan de lidstaten na of aan de voorwaarden voor de toekenning van de communautaire financiering is voldaan. Daartoe onderwerpen zij de activiteitenprogramma's aan een audit en voeren zij een controleplan uit dat betrekking heeft op een steekproef die is bepaald op basis van een risicoanalyse en die ten minste 30 % per jaar van de producentenorganisaties en alle andere organisaties van marktdeelnemers die op grond van dit artikel communautaire financiering ontvangen, omvat.