Art. 95 Verordening (EG) nr. 718/2007, Selectie van activiteiten
1. Grensoverschrijdende programma's financieren gezamenlijke activiteiten die door de deelnemende landen gezamenlijk zijn geselecteerd via een enkele oproep tot het indienen van voorstellen die het hele subsidiabele gebied bestrijkt.
De deelnemende landen kunnen ook gezamenlijke activiteiten buiten de oproep tot het indienen van voorstellen vaststellen. In dat geval wordt de gezamenlijke activiteit specifiek vermeld in het grensoverschrijdende programma of, indien dit overeenstemt met de prioriteit of de maatregelen van het grensoverschrijdende programma, wordt de activiteit bij besluit van het gezamenlijke comité van toezicht als bedoeld in artikel 110 of in artikel 142 op om het even welk ogenblik na goedkeuring van het programma vastgesteld.
2. Activiteiten die worden geselecteerd voor grensoverschrijdende programma's omvatten eindbegunstigden uit ten minste twee deelnemende landen die op ten minste een van de twee volgende manieren voor elke activiteit samenwerken: gezamenlijke ontwikkeling, gezamenlijke tenuitvoerlegging, gezamenlijk gebruik van personeel en gezamenlijke financiering.
3. Voor programma's inzake grensoverschrijdende samenwerking als bedoeld in artikel 86, lid 1, onder a), omvatten de geselecteerde programma's begunstigden voor ten minste een van de deelnemende lidstaten en een van de deelnemende begunstigde landen.
4. De geselecteerde activiteiten die aan de vermelde voorwaarden voldoen, kunnen in een enkel land ten uitvoer worden gebracht op voorwaarde dat zij een duidelijk grensoverschrijdend voordeel opleveren.
5. Elk programma stelt subsidiabiliteitsregels vast voor de selectie van activiteiten waardoor een verdubbeling van activiteiten tussen de diverse grensoverschrijdende programma's wordt vermeden, of zij nu onder de IPA-regeling of andere communautaire instrumenten vallen.