Art. 15 Verordening (EG) nr. 718/2007, Intrekking of opschorting van de erkenning van de nationale ordonnateur en het nationaal fonds
1. Wanneer de Commissie beheersbevoegdheden heeft toegekend, dient de voor de erkenning bevoegde functionaris erop te blijven toezien dat aan alle vereisten voor de handhaving van de erkenning wordt voldaan; hij stelt de Commissie in kennis van elke wijziging van betekenis in dit verband.
2. Indien aan een of meer van de vereisten van artikel 11 niet of niet langer wordt voldaan, schort de voor de erkenning bevoegde functionaris de erkenning van de nationale ordonnateur op of trekt hij de erkenning in en deelt hij dit besluit en de redenen daarvan onmiddellijk aan de Commissie mee. Alvorens de erkenning weer van kracht te verklaren, vergewist de voor de erkenning bevoegde functionaris zich ervan dat aan die vereisten opnieuw wordt voldaan. Daarbij baseert hij zich op een accountantsverklaring als bedoeld in artikel 12, lid 2.
3. Wanneer de erkenning van de nationale ordonnateur door de voor de erkenning bevoegde functionaris is ingetrokken of opgeschort, zijn de bepalingen van dit lid van toepassing.
De Commissie stopt de overdracht van middelen aan het begunstigde land zolang de erkenning niet van kracht is.
Gedurende de periode dat de erkenning niet van kracht is, worden alle eurorekeningen of de eurorekeningen voor de betrokken afdelingen geblokkeerd en komen betalingen van het nationaal fonds van deze geblokkeerde eurorekingen niet in aanmerking voor financiering door de Gemeenschap.
Onverminderd de mogelijkheid tot toepassing van andere financiële correcties, kan de Commissie ten aanzien van het begunstigde land de financiële correcties bedoeld in artikel 49 toepassen wegens niet-naleving van de vereisten voor de toekenning van beheersbevoegdheden in het verleden.