Art. 66 Verordening (EG) nr. 498/2007, Werking van het computersysteem voor gegevensuitwisseling
1. De Commissie en de door de lidstaten op grond van de basisverordening aangewezen autoriteiten, alsmede de instanties waaraan die taak is gedelegeerd, voeren de documenten waarvoor zij verantwoordelijk zijn in het computersysteem voor gegevensuitwisseling in en werken deze bij, in het vereiste formaat.
2. De lidstaten centraliseren verzoeken om recht op toegang tot het computersysteem voor gegevensuitwisseling en zenden deze aan de Commissie.
3. De uitwisselingen van gegevens en transacties dragen een elektronische handtekening in de zin van artikel 2, punt 1, van Richtlijn 1999/93/EG. De lidstaten en de Commissie erkennen de rechtsgeldigheid en toelaatbaarheid van de in het computersysteem voor gegevensuitwisseling gebruikte elektronische handtekening als bewijs in gerechtelijke procedures.
4. De ontwikkelingskosten van het computersysteem voor gegevensuitwisseling worden uit hoofde van artikel 46, lid 1, van de basisverordening gefinancierd uit de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen. De kosten van een interface tussen het gemeenschappelijke computersysteem voor gegevensuitwisseling en nationale, regionale en lokale computersystemen en de kosten van de aanpassing van laatstgenoemde systemen aan de eisen van de basisverordening komen krachtens artikel 46, lid 2, van die verordening voor subsidie in aanmerking.