Art. 50 Besluit 2007/533/EG, Onderscheid tussen personen met kenmerken die gelijkenis vertonen
Indien bij de opneming van een nieuwe signalering blijkt dat in SIS II reeds een persoon met dezelfde identiteitsbeschrijving gesignaleerd is, is de volgende procedure van toepassing:
a) het Sirene-bureau neemt contact op met de verzoekende dienst om na te gaan of de signalering dezelfde persoon betreft;
b) indien uit de verificatie blijkt dat het inderdaad om dezelfde persoon gaat, volgt het Sirene-bureau de in artikel 49, lid 6, bedoelde procedure voor de opneming van meervoudige signaleringen. Indien uit de verificatie blijkt dat het om twee verschillende personen gaat, bekrachtigt het Sirene-bureau het verzoek om opneming van een nieuwe signalering en voegt het de nodige elementen toe om verkeerde identificatie te voorkomen.