Art. 44 Besluit 2007/533/EG, Termijn van bewaring van signaleringen van personen

Besluit 2007/533/EG

1. De in SIS II overeenkomstig dit besluit opgenomen signaleringen van personen worden niet langer bewaard dan nodig is voor het nagestreefde doel.

2. Uiterlijk drie jaren na de opneming van een dergelijke signalering in SIS II toetst de signalerende lidstaat de noodzaak van verdere bewaring. Voor signaleringen van personen overeenkomstig artikel 36 beloopt deze termijn één jaar.

3. Elke lidstaat stelt in voorkomend geval volgens nationaal recht kortere toetsingstermijnen vast.

4. De signalerende lidstaat kan, op grond van een grondige individuele beoordeling die wordt geregistreerd, vóór het verstrijken van de toetsingstermijn tot handhaving van de signalering besluiten indien dit voor het met de signalering nagestreefde doel vereist is. In dat geval is lid 2 van dienovereenkomstige toepassing. Elke verlenging van een signalering wordt aan CS-SIS meegedeeld.

5. Na afloop van de in lid 2 bedoelde toetsingstermijn worden signaleringen automatisch gewist. Dit gebeurt niet indien de signalerende lidstaat de verlenging van de signalering aan CS-SIS heeft meegedeeld, zoals bedoeld in lid 4. CS-SIS stelt de lidstaten vier maanden op voorhand automatisch in kennis van de in het systeem geprogrammeerde verwijdering.

6. De lidstaten houden statistieken bij van het aantal signaleringen waarvan de bewaring overeenkomstig lid 4 is verlengd.

Vorige artikelen

Volgende artikelen