Art. 17 Verordening (EG) nr. 1198/2006, Voorbereiding en goedkeuring van het operationele programma
Verordening (EG) nr. 1198/2006
1. Elke lidstaat stelt een operationeel programma op ter uitvoering van de mede uit het EVF te financieren beleidsmaatregelen en prioriteiten. Het operationele programma sluit aan op het nationaal strategisch plan.
2. Het EVF voert zijn werkzaamheden uit in de vorm van een enkel operationeel programma per lidstaat, overeenkomstig de nationale inrichting van de lidstaat.
3. Na nauw overleg met de regionale, lokale, economische en sociale partners in de visserijsector en met alle andere in aanmerking komende instanties, stelt elke lidstaat overeenkomstig zijn nationale inrichting zijn operationeel programma op, met inachtneming van het in artikel 8 genoemde partnerschap.
4. De lidstaten dienen bij de Commissie een voorstel in voor een operationeel programma waarin alle in artikel 20 bedoelde onderdelen zijn opgenomen, en wel op een zodanig tijdstip dat het programma zo spoedig mogelijk kan worden aangenomen.
5. Rekening houdend met de in artikel 48 bedoelde evaluatie vooraf, beoordeelt de Commissie het voorstel voor een operationeel programma, om te bepalen of het bijdraagt tot de doelstellingen vermeld in artikel 4, de leidende beginselen vermeld in artikel 19 en het desbetreffende onderdeel van het nationaal strategisch plan.
Indien de Commissie, binnen twee maanden na ontvangst van het voorgestelde operationele programma, dit niet in overeenstemming acht met de doelstellingen bedoeld in artikel 4, de leidende beginselen vermeld in artikel 19 of het desbetreffende onderdeel van het nationaal strategisch plan, kan zij de betrokken lidstaat verzoeken alle noodzakelijke nadere informatie te verstrekken en, in voorkomend geval, het voorgestelde programma dienovereenkomstig aan te passen.
6. Vervolgens legt de lidstaat zijn operationeel programma voor aan de Commissie, die zo spoedig mogelijk en uiterlijk na vier maanden een besluit tot goedkeuring daarvan aanneemt.