Art. 73 Verordening (EG) nr. 1083/2006, Samenwerking met de auditautoriteiten van de lidstaten

Verordening (EG) nr. 1083/2006

1. De Commissie werkt met de auditautoriteiten van de operationele programma's samen om hun respectieve auditplannen en auditmethoden te coördineren en wisselt onmiddellijk de resultaten van de op beheers- en controlesystemen verrichte audits uit om zo goed mogelijk gebruik te maken van de beschikbare hulpbronnen en om ongerechtvaardigde doublures te voorkomen.

Wanneer een lidstaat verscheidene auditautoriteiten heeft aangewezen, kan hij tevens een coördinerende instantie aanwijzen om de samenwerking te vergemakkelijken.

De Commissie, de auditautoriteiten en de coördinerende instantie, indien een dergelijke instantie is aangewezen, komen regelmatig bijeen, minstens één maal per jaar, tenzij zij onderling anders zijn overeengekomen, om samen de krachtens artikel 62 ingediende jaarlijkse controleverslagen en adviezen te onderzoeken en om van gedachten te wisselen over andere kwesties in verband met de verbetering van het beheer en de controle van de operationele programma's.

2. Om haar eigen auditstrategie vast te stellen gaat de Commissie na voor welke operationele programma's in het krachtens artikel 71, lid 2, gegeven advies over de conformiteit van het systeem geen bezwaren zijn gemaakt, voor welke de bezwaren zijn ingetrokken omdat er correctiemaatregelen zijn genomen, voor welke de auditstrategie van de auditautoriteit toereikend is, en voor welke de audits van de Commissie en de lidstaat een redelijke garantie hebben opgeleverd dat de beheers- en controlesystemen doeltreffend functioneren.

3. Voor deze programma's kan de Commissie concluderen dat zij zich hoofdzakelijk op het in artikel 62, lid 1, onder d), ii), bedoelde advies kan verlaten wat betreft het doeltreffend functioneren van de systemen en dat zij uitsluitend eigen audits ter plaatse zal verrichten indien er bewijzen zijn die tekortkomingen van het systeem doen vermoeden in verband met tegenover de Commissie te certificeren uitgaven in een jaar waarvoor uit hoofde van artikel 62, lid 1, onder d), ii), een advies is gegeven waarin geen bezwaren met betrekking tot dergelijke tekortkomingen zijn gemaakt.

Indien de Commissie tot dit besluit komt, stelt zij de betrokken lidstaat daarvan in kennis. Indien er bewijzen zijn die tekortkomingen doen vermoeden, kan zij ook eisen dat de lidstaat audits verricht overeenkomstig artikel 72, lid 3, of kan zij eigen audits uitvoeren krachtens artikel 72, lid 2.