Art. 58 Richtlijn 2006/88/EG, Communautaire inspecties en audits
1. Deskundigen van de Commissie mogen inspecties ter plaatse, waaronder audits, uitvoeren in samenwerking met de bevoegde autoriteiten van de lidstaten, voor zover deze ten behoeve van de uniforme toepassing van deze richtlijn noodzakelijk zijn.
De lidstaten op het grondgebied waarvan deze inspecties en audits worden uitgevoerd, bieden de deskundigen bij de uitvoering van hun taken alle benodigde ondersteuning.
De Commissie stelt de bevoegde autoriteit van de bevindingen van deze inspecties en audits in kennis.
2. Deskundigen van de Commissie mogen in derde landen, in samenwerking met de bevoegde autoriteiten van het betrokken derde land, ook inspecties ter plaatse, waaronder audits, uitvoeren om de naleving van of de gelijkwaardigheid met de in de Gemeenschap geldende veterinairrechtelijke voorschriften inzake waterdieren te controleren.
3. Indien er gedurende een inspectie van de Commissie een ernstig risico voor de diergezondheid wordt geconstateerd, neemt de betrokken lidstaat onmiddellijk alle maatregelen ter bescherming van de diergezondheid.
Indien zulke maatregelen niet worden genomen, of ontoereikend worden geacht, worden de maatregelen ter bescherming van de diergezondheid overeenkomstig de in artikel 62, lid 3, bedoelde procedure genomen en wordt de betrokken lidstaat hiervan in kennis gesteld.