Art. 45 Richtlijn 2006/49/EG

Richtlijn 2006/49/EG

1. Bevoegde autoriteiten kunnen beleggingsondernemingen toestaan de grenzen van grote risico's die genoemd worden in artikel 111 van Richtlijn 2006/48/EG, te overschrijden. De beleggingsondernemingen behoeven overschrijdingen niet op te nemen in de berekening van kapitaalvereisten die dergelijke grenzen overschrijden, zoals bepaald in artikel 75, onder b), van die richtlijn. Dit keuzerecht geldt tot 31 december 2010 of tot de datum van inwerkingtreding van wijzigingen als gevolg van de behandeling van grote risico's, ingevolge artikel 119 van Richtlijn 2006/48/EG, waarbij de vroegste datum van toepassing is. De uitoefening van dit keuzerecht wordt afhankelijk gesteld van de voorwaarden a) tot en met d):

a) de beleggingsonderneming verricht beleggingsdiensten en beleggingsactiviteiten die verband houden met de financiële instrumenten die genoemd worden in de punten 5, 6, 7, 9 en 10, van afdeling C van bijlage I van Richtlijn 2004/39/EG;

b) de beleggingsonderneming verricht dergelijke beleggingsdiensten en beleggingsactiviteiten niet voor of namens particuliere cliënten;

c) inbreuken op de grenzen bedoeld in de inleidende formule van dit lid ontstaan in verband met risico's die voortvloeien uit contracten die in letter a) genoemde financiële instrumenten zijn en betrekking hebben op grondstoffen of onderliggende waarden in de betekenis van punt 10, afdeling C, bijlage I van Richtlijn 2004/39/EG (MiFID) en worden berekend in overeenstemming met bijlage III en IV van Richtlijn 2006/48/EG, of uit contracten over de levering van grondstoffen of emissievergunningen; en

d) de beleggingsonderneming beschikt over een vastgelegde strategie voor beheer, en met name voor beheersing en beperking van risico's die voortvloeien uit de concentratie van risico's. De beleggingsonderneming moet de bevoegde autoriteiten onverwijld op de hoogte stellen van deze strategie en van alle feitelijke wijzigingen daaraan. De beleggingsonderneming moet passende regelingen treffen om te zorgen voor voortdurende controle op de kredietwaardigheid van de debiteuren, in overeenstemming met het effect op het concentratierisico. Deze regelingen moeten de beleggingsonderneming in staat stellen adequaat en snel genoeg op te treden bij iedere verslechtering van de kredietwaardigheid.

2. Indien een beleggingsonderneming de interne grenzen die zijn vastgelegd volgens de in lid 1, letter d) genoemde strategie, overschrijdt, stelt zij de bevoegde autoriteit onverwijld op de hoogte van de omvang en de aard van de overschrijding en van de wederpartij.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen