Art. 136 Richtlijn 2006/48/EG
1. De bevoegde autoriteiten eisen van een kredietinstelling die niet aan deze richtlijn voldoet, dat deze vroegtijdig de noodzakelijke maatregelen neemt om iets aan deze situatie te doen.
Daartoe kunnen de bevoegde autoriteiten onder meer:
a) kredietinstellingen verplichten een groter eigen vermogen aan te houden dan dat welk ingevolge artikel 75 minimaal vereist is;
b) verlangen dat de met het oog op de artikelen 22 en 123 ingevoerde regelingen, procedures, mechanismen en strategieën worden aangescherpt;
c) kredietinstellingen verplichten in verband met de kapitaalvereisten een specifiek voorzieningenbeleid te voeren of de activa op een specifieke wijze te behandelen;
d) restricties opleggen aan de bedrijfsactiviteiten en transacties van of netwerkrelaties tussen kredietinstellingen; en
e) verlangen dat het aan de werkzaamheden, producten en systemen van kredietinstellingen verbonden risico wordt beperkt.
Bij de vaststelling van maatregelen worden wel de voorschriften van hoofdstuk 1, afdeling 2 in acht genomen.
2. De bevoegde autoriteiten leggen in ieder geval kredietinstellingen die niet voldoen aan de vereisten van de artikelen 22, 109 en 123 of ten aanzien waarvan een negatieve beslissing is genomen betreffende de kwestie beschreven in artikel 124, lid 3, strengere kapitaalvereisten op dan die welke zijn vastgelegd in artikel 75, als andere maatregelen, naar alle waarschijnlijkheid op zich niet zullen volstaan om binnen een redelijk tijdsbestek een verbetering van deze regelingen, procedures, mechanismen en strategieën te bewerkstelligen.