Art. 11 Richtlijn 2006/12/EG
1. Onverminderd de bepalingen van Richtlijn 91/689/EEG van de Raad van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen (7), kunnen van de in artikel 9 of artikel 10 bedoelde vergunning worden vrijgesteld:
a) inrichtingen of ondernemingen die hun afvalstoffen op de plaats van productie in eigen beheer verwijderen, en
b) inrichtingen of ondernemingen die afvalstoffen nuttig toepassen.
2. De in lid 1 bedoelde vrijstelling kan alleen worden verleend:
a) indien de bevoegde instanties algemene voorschriften per type activiteit hebben uitgevaardigd waarin soort en hoeveelheid afvalstoffen zijn vastgesteld en is aangegeven onder welke voorwaarden de activiteit kan worden vrijgesteld van een vergunning, en
b) indien de soorten of de hoeveelheden afvalstoffen en de wijzen van verwijdering of nuttige toepassing van dien aard zijn dat aan de voorwaarden van artikel 4 wordt voldaan.
3. De in lid 1 bedoelde inrichtingen of ondernemingen dienen zich bij de bevoegde instanties te laten registreren.
4. De lidstaten stellen de Commissie in kennis van de krachtens lid 2, onder a), uitgevaardigde algemene voorschriften.