Art. 2 Verordening (EG) nr. 1698/2005, Definities

Verordening (EG) nr. 1698/2005

Voor de toepassing van deze verordening gelden onderstaande definities:

a) „programmering”: het proces van organisatie, besluitvorming en financiering dat in verscheidene stadia plaatsvindt en tot doel heeft op meerjarenbasis uitvoering te geven aan het gezamenlijke optreden van de Gemeenschap en de lidstaten ter verwezenlijking van de prioritaire doelstellingen van het ELFPO;

b) „regio”: territoriale eenheid van niveau 1 of 2 van de nomenclatuur van territoriale eenheden voor de statistiek (NUTS-niveaus 1 en 2) in de zin van Verordening (EG) nr. 1059/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 26 mei 2003 betreffende de opstelling van een gemeenschappelijke nomenclatuur van territoriale eenheden voor de statistiek (NUTS) (14);

c) „as”: een coherente groep maatregelen met specifieke doelstellingen die rechtstreeks verband houden met de uitvoering ervan en die bijdragen tot een of meer van de in artikel 4 genoemde doelstellingen;

d) „maatregel”: een samenstel van concrete acties dat bijdraagt tot de uitvoering van de as, zoals bedoeld in lid 2 van artikel 4;

e) „concrete actie”: een project, contract of regeling, of een andere actie die volgens de voor het betrokken programma voor plattelandsontwikkeling vastgestelde criteria is gekozen en door een of meer begunstigden wordt uitgevoerd ter verwezenlijking van de in artikel 4 genoemde doelstellingen;

f) „gemeenschappelijk toezicht- en evaluatiekader”: een door de Commissie en de lidstaten ontwikkelde algemene aanpak die een beperkt aantal gemeenschappelijke indicatoren betreffende de uitgangssituatie en de financiële uitvoering, de output, de resultaten en de impact van de programma's omvat;

g) „plaatselijke ontwikkelingsstrategie”: een coherent samenstel van op de plaatselijke doelstellingen en behoeften afgestemde concrete acties die in partnerschap op het passende niveau worden uitgevoerd;

h) „begunstigde”: een actor, instantie of onderneming uit de overheids- of de particuliere sector die verantwoordelijk is voor de uitvoering van concrete acties of steun ontvangt;

i) „overheidsuitgaven”: elke overheidsbijdrage aan de financiering van concrete acties die afkomstig is uit de begroting van de staat, van een regionale of plaatselijke overheid of van de Europese Gemeenschappen en elke soortgelijke uitgave. Elke bijdrage aan de financiering van concrete acties die afkomstig is uit de begroting van publiekrechtelijke instellingen of verenigingen van een of meer regionale of plaatselijke overheden of publiekrechtelijke instellingen in de zin van Richtlijn 2004/18/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten (15), wordt beschouwd als een overheidsbijdrage;

j) „convergentiedoelstelling”: de doelstelling van het optreden voor de minst ontwikkelde lidstaten en gebieden overeenkomstig de communautaire regelgeving inzake het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling („EFRO”), het Europees Sociaal Fonds („ESF”) en het CF voor het tijdvak 1 januari 2007-31 december 2013.