Art. 15 Verordening (EG) nr. 1290/2005, Wijze van uitkering van de maandelijkse betalingen

Verordening (EG) nr. 1290/2005

1. Onverminderd de in de artikelen 30 en 31 bedoelde beschikkingen, worden de maandelijkse betalingen door de Commissie uitgekeerd voor de uitgaven die de erkende betaalorganen van de lidstaten in de referentiemaand hebben verricht.

2. Volgens de in artikel 41, lid 3, bedoelde procedure geeft de Commissie op basis van een uitgavendeclaratie en de verstrekte gegevens zoals bedoeld in artikel 8, lid 1, en met inachtneming van de overeenkomstig artikel 17 toegepaste verlagingen of schorsingen een beschikking over de door haar uit te keren maandelijkse betalingen.

3. De maandelijkse betalingen worden aan de lidstaat uitgekeerd uiterlijk op de derde werkdag van de tweede maand na de maand waarin de uitgaven zijn verricht.

4. De uitgaven van de lidstaten in de periode van 1 tot en met 15 oktober worden beschouwd als in de maand oktober verrichte uitgaven. De uitgaven in de periode van 16 tot en met 31 oktober worden beschouwd als in de maand november verrichte uitgaven.

5. De Commissie kan besluiten aanvullende betalingen te doen of bedragen in mindering te brengen. In dergelijke gevallen wordt het Comité voor de landbouwfondsen in zijn volgende vergadering daarvan in kennis gesteld.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen