Art. 16 Richtlijn 2005/85/EG, Reikwijdte van rechtsbijstand en vertegenwoordiging
1. De lidstaten zorgen ervoor dat een juridische adviseur of andere raadsman die door het nationale recht als zodanig is erkend of toegelaten en die de asielzoeker overeenkomstig de bepalingen van het nationale recht bijstaat of vertegenwoordigt, toegang heeft tot de informatie in het dossier van de asielzoeker die door de in hoofdstuk V bedoelde autoriteiten kan worden onderzocht, voorzover die informatie relevant is voor de behandeling van het asielverzoek.
De lidstaten kunnen een uitzondering maken wanneer de openbaarmaking van informatie of bronnen de nationale veiligheid, de veiligheid van de organisaties of personen die de informatie hebben verstrekt dan wel de veiligheid van de perso(o)n(en) op wie de informatie betrekking heeft, in gevaar zou brengen, of wanneer het belang van het onderzoek in verband met de behandeling van asielverzoeken door de bevoegde autoriteiten van de lidstaten of de internationale betrekkingen van de lidstaten zouden worden geschaad. In die gevallen moet de toegang tot de betrokken informatie of bronnen openstaan voor de in hoofdstuk V bedoelde autoriteiten, behalve indien die toegang is uitgesloten in zaken welke verband houden met de nationale veiligheid.
2. De lidstaten zorgen ervoor dat de juridische adviseur of andere raadsman die de asielzoeker bijstaat of vertegenwoordigt, toegang heeft tot gesloten ruimten, zoals accommodaties voor bewaring en transitzones, om met de asielbezoeker te kunnen overleggen. De lidstaten kunnen de mogelijkheid om asielzoekers in gesloten ruimten te bezoeken alleen beperken wanneer deze beperking krachtens de nationale wetgeving objectief nodig is met het oog op de veiligheid, de openbare orde of het administratieve beheer van de ruimte, of om een doeltreffende behandeling van het asielverzoek te garanderen, mits de toegang van de juridische adviseur of andere raadsman daardoor niet ernstig wordt belemmerd of onmogelijk wordt gemaakt.
3. Onverminderd dit artikel en artikel 17, lid 1, onder b), kunnen de lidstaten regels vaststellen betreffende de aanwezigheid van een juridische adviseur of andere raadsman bij elk onderhoud in de procedure.
4. De lidstaten kunnen bepalen dat het de asielzoeker is toegestaan zich bij het persoonlijke onderhoud te doen vergezellen van een juridische adviseur of raadsman die door het nationale recht als zodanig is erkend.
De lidstaten kunnen verlangen dat de asielzoeker aanwezig is bij het persoonlijke onderhoud, zelfs als hij naar nationaal recht door een dergelijke juridische adviseur of raadsman wordt vertegenwoordigd, en kunnen verlangen dat de asielzoeker de vragen zelf beantwoordt.
De afwezigheid van de juridische adviseur of andere raadsman belet de bevoegde autoriteit niet de asielzoeker persoonlijk te horen.