Art. 37 Richtlijn 2005/68/EG, Vereiste solvabiliteitsmarge voor schadeherverzekeringsactiviteiten
1. De vereiste solvabiliteitsmarge wordt bepaald ten opzichte van het jaarlijkse totaal van premies of bijdragen, dan wel ten opzichte van de gemiddelde schadelast van de laatste drie boekjaren.
Wanneer herverzekeringsondernemingen evenwel in hoofdzaak slechts een of meer van de risico's van krediet, storm, hagel of vorst dekken, wordt voor de referentieperiode voor de gemiddelde schadelast rekening gehouden met de laatste zeven boekjaren.
2. Onverminderd artikel 40 moet het bedrag van de vereiste solvabiliteitsmarge gelijk zijn aan de hoogste uitkomst van de in de leden 3 en 4 omschreven berekeningen.
3. Voor de berekening ten opzichte van de premies of bijdragen wordt uitgegaan van hetzij het bedrag van de uitgegeven brutopremies of -bijdragen, zoals hieronder berekend, hetzij het bedrag van de verdiende brutopremies of -bijdragen, naargelang welk van beide bedragen het hoogst is.
De premies of bijdragen die verband houden met de onder A, punten 11, 12 en 13, van de bijlage bij Richtlijn 73/239/EEG vermelde branches, worden met 50 % verhoogd.
De premies of bijdragen die verband houden met andere branches dan die welke onder A, punten 11, 12 en 13, van de bijlage bij Richtlijn 73/239/EEG worden vermeld, kunnen met ten hoogste 50 % worden verhoogd voor bijzondere herverzekeringsactiviteiten of categorieën overeenkomsten, teneinde rekening te houden met de bijzondere kenmerken van deze activiteiten of overeenkomsten, overeenkomstig de in artikel 55, lid 2, van de onderhavige richtlijn bedoelde procedure. De premies of bijdragen die in het kader van het herverzekeringsbedrijf gedurende het laatste boekjaar zijn uitgegeven, met inbegrip van bijkomende kosten, worden samengeteld.
Daarvan worden afgetrokken het totaalbedrag van de gedurende het laatste boekjaar geannuleerde premies of bijdragen, alsmede het totaalbedrag van de belastingen en rechten op de samengetelde premies of bijdragen.
Nadat het aldus verkregen bedrag in twee gedeelten is gesplitst, namelijk een eerste gedeelte ten belope van maximaal 50 000 000 EUR en een tweede gedeelte dat het restant omvat, worden deze gedeelten respectievelijk vermenigvuldigd met 18 % en 16 % en vervolgens opgeteld.
De aldus verkregen uitkomst wordt vermenigvuldigd met het getal dat de voor de som van de laatste drie boekjaren bestaande verhouding aangeeft tussen het bedrag van de schaden die na aftrek van de uit hoofde van retrocessie invorderbare bedragen ten laste van de herverzekeringsonderneming blijven, en het bedrag van de brutoschaden; dit verhoudingsgetal mag in geen geval lager zijn dan 50 %. Na een met bewijzen gestaafde aanvraag van de herverzekeringsonderneming bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong en na goedkeuring door deze autoriteit kunnen bedragen die van een special purpose vehicle kunnen worden verhaald, zoals bedoeld in artikel 46, ook worden beschouwd als aftrekbare bedragen uit hoofde van retrocessie.
Met de instemming van de bevoegde autoriteiten mogen statistische methoden worden toegepast om de premies of de bijdragen toe te wijzen.
4. Voor de berekening ten opzichte van de schaden wordt uitgegaan van de met de onder A, punten 11, 12 en 13, van de bijlage bij Richtlijn 73/239/EEG vermelde branches verband houdende schaden, voorzieningen en verhaalde bedragen, vermeerderd met 50 %.
Schaden, voorzieningen en verhaalde bedragen die verband houden met andere branches dan die welke onder A, punten 11, 12 en 13 van de bijlage bij Richtlijn 73/239/EEG worden vermeld, kunnen met ten hoogste 50 % worden verhoogd voor bijzondere herverzekeringsactiviteiten of categorieën overeenkomsten, teneinde rekening te houden met bijzondere kenmerken van deze activiteiten of overeenkomsten, overeenkomstig de in artikel 55, lid 2, van de onderhavige richtlijn bedoelde procedure.
Eerst worden de bedragen van de schaden die gedurende de in lid 1 bedoelde perioden zijn betaald, bij elkaar opgeteld, zonder aftrek van de ten laste van de retrocessionarissen komende schaden.
Daaraan wordt toegevoegd het bedrag van de voorzieningen voor te betalen schaden die aan het einde van het laatste boekjaar zijn gevormd.
Daarvan worden de gedurende de in lid 1 bedoelde perioden voor het uitoefenen van verhaalsrecht ontvangen bedragen afgetrokken.
Van deze uitkomst wordt eveneens afgetrokken het bedrag van de voorzieningen voor te betalen schaden die aan het begin van het tweede boekjaar voorafgaande aan het laatste afgesloten boekjaar, zijn gevormd. Indien de overeenkomstig lid 1 in aanmerking genomen referentieperiode gelijk is aan zeven jaar, wordt het bedrag van de voorzieningen voor te betalen schaden die aan het begin van het zesde boekjaar voorafgaande aan het laatst afgesloten boekjaar zijn gevormd, afgetrokken.
Een derde of een zevende van het aldus verkregen bedrag, al naargelang van de overeenkomstig lid 1 in aanmerking genomen referentieperiode, wordt in twee gedeelten gesplitst, namelijk een eerste gedeelte ten belope van 35 000 000 EUR en een tweede gedeelte dat het restant omvat; van deze gedeelten wordt respectievelijk 26 % en 23 % genomen en vervolgens opgeteld.
De aldus verkregen uitkomst wordt vermenigvuldigd met het getal dat de voor de som van de laatste drie boekjaren bestaande verhouding aangeeft tussen het bedrag van de schaden die na aftrek van de uit hoofde van retrocessie invorderbare bedragen ten laste van de onderneming blijven, en het bedrag van de brutoschaden; dit verhoudingsgetal mag in geen geval lager zijn dan 50 %. Na een met bewijzen gestaafde aanvraag van de herverzekeringsonderneming bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van oorsprong en na goedkeuring door deze autoriteit kunnen bedragen die door een special purpose vehicle kunnen worden vergoed, zoals bedoeld in artikel 46, ook worden beschouwd als aftrekbare bedragen uit hoofde van retrocessie.
Met de instemming van de bevoegde autoriteiten mogen statistische methoden worden toegepast om de schaden, voorzieningen en teruggekregen bedragen toe te wijzen.
5. Indien de vereiste solvabiliteitsmarge zoals berekend overeenkomstig leden 2, 3 en 4 lager is dan de vereiste solvabiliteitsmarge van het voorgaande jaar, moet de vereiste solvabiliteitsmarge ten minste gelijk zijn aan de vereiste solvabiliteitsmarge van het voorgaande jaar, vermenigvuldigd met het verhoudingsgetal van het bedrag van de technische voorzieningen voor te betalen schaden aan het einde van het laatste boekjaar en het bedrag van de technische voorzieningen voor te betalen schaden aan het begin van het laatste boekjaar. Bij deze berekeningen worden de technische voorzieningen berekend verminderd met de retrocessie, maar het quotiënt mag in geen geval meer dan 1 bedragen.
6. De percentages die moeten worden berekend van de in lid 3, vijfde alinea, en lid 4, zevende alinea, bedoelde gedeelten, worden tot een derde verminderd voor de herverzekering van ziekteverzekering die op analoge wijze als de levensverzekering wordt beheerd, indien:
a) de geheven premies volgens de verzekeringswiskundige methoden worden berekend aan de hand van ziektetafels;
b) een ouderdomsvoorziening wordt gevormd;
c) een aanvullende premie wordt geheven om een passende veiligheidsmarge te vormen;
d) de verzekeringsonderneming de overeenkomst uiterlijk voor het einde van het derde verzekeringsjaar kan opzeggen;
e) in de overeenkomst de mogelijkheid is vastgesteld om ook voor lopende overeenkomsten de premies te verhogen of de uitkeringen te verminderen.